Balans flits en bestaand licht (+flitsrecept)

Pieter Dhaeze dinsdag 13 februari 2024

Foto’s die tijdens reportages geflitst worden, kunnen soms hard zijn en niet in balans met het bestaande licht. Hoe krijg je het flitslicht en het bestaand licht meer in evenwicht? We kijken even naar de camera-instellingen en flitsvariabelen en maken aan de hand daarvan een ‘flits’-recept voor binnenreportages.

balans flits bestaand-socmed

Hard licht
Belangrijke oorzaak van een harde flitsfoto heeft niet zo veel te maken met de instellingen van camera of flitser, maar komt voort uit het feit dat een Speedlite een puntbron is met een zeer klein oppervlak. Bovendien staat de flitser óp de camera en wordt het onderwerp áltijd frontaal aangelicht. Door indirect via het plafond of een muur te flitsen verspreid je een gedeelte van het licht. De lichtbron wordt groter en flitslicht komt van verschillende richtingen. Dat zorgt voor het invullen van de schaduwen die ontstaan door het frontale licht en maakt het onderwerp meer flatteus. Dat werkt prima in relatief kleine, lichte ruimtes. Werk in E-TTL en zet de Flitsbelichtingscompensatie een stopje omhoog. Let wel op de kleur van een plafond of van de muren, omdat het weerkaatste flitslicht de betreffende kleur deels overneemt.

inderct flitsen

Geel licht
Sta je in een ruimte met warm licht (~3000°K), dan wijkt dat sterk af van de kleur van het flitslicht  (~5000°) en dat kan tot onbalans leiden in de kleuren van de opname. Als dit het geval is, dan is het raadzaam om met een ‘oranje’ folie of kapje te werken op de flitser. Het flitslicht wordt daarmee ook 3000°K en zet je de witbalans van de camera ook op die waarde, dan krijg je flitsfoto’s met heel natuurlijke kleuren. Let wel op dat het bestaande licht niet wijzigt. Je kunt het verschil in kleurtemperatuur uiteraard ook achteraf in Lightroom oplossen, maar dat is dan redelijk veel werk.

Speedlite 600EX-430EX-RT 3000K-gel

Evenwicht
Door binnen indirect te flitsen hoeft de balans met het bestaande licht echter niet beter te worden, want dat is afhankelijk van de camera-instellingen en hierbij speelt de lichtmeter van de camera een belangrijke rol. We gaan even uit van een fotoreportage binnen in de M-stand van de camera met Meervlaksmeting en E-TTL voor de flitser. Je kiest 1/125s, f/5.6 en ISO 100, want je wil respectievelijk geen bewegingsonscherpte, een redelijk grote scherptediepte en een hoge beeldkwaliteit. Als je dan goed op de lichtmeter let, dan zal hij hoogstwaarschijnlijk ver naar links staan. Dat betekent sterke onderbelichting van het bestaande licht. Als je zo de foto neemt, dan zal het onderwerp weliswaar goed belicht worden door het flitslicht (E-TTL), maar de omgeving zal donker zijn. Dat contrastverschil tussen achtergrond en onderwerp zorgt voor het ongewenste ‘harde karakter’ van een flitsfoto’s.

Om dus meer balans te krijgen, zul je het bestaande licht minder moeten onderbelichten: 2/3 of 1 stop onderbelicht is een handige praktische waarde. Om dit te bewerkstellingen heb je drie variabelen: sluitertijd, diafragma en ISO. Kies je voor sluitertijd dan heb je niet veel marge vanuit 1/125s. Je kunt 1/60s kiezen en daarmee een stop winnen. Naar 1/30s geeft grote kans op bewegingsonscherpte en ‘ghosting’ van beweging. Het diafragma kun je vergroten naar f/4, maar ga je naar f/2.8 of groter, dan wordt de scherptediepte klein en wordt de kans op onscherpte bij bijvoorbeeld duo-portretten groot. Tenslotte heb je nog de ISO als derde parameter en daarmee win je snel de nodige stops als je bijvoorbeeld van ISO 100 naar ISO 800 gaat (3 stops). De ruis neemt dan wel iets toe, maar omdat je het onderwerp goed belicht, zal deze ruis niet hinderlijk aanwezig zijn.

Variatie A-T-ISO flits en achtergrond-klein

Door dus 1/60s, f/5.6 en ISO 800 te kiezen in plaats van 1/125s, f/5.6 en ISO 100 verschuift de lichtmeting van links (-3 Ev of meer) richting NUL (-2/3 of -1 Ev) en zal de camera het bestaande licht minder onderbelichten en zo het flitslicht en omgevingslicht meer in evenwicht brengen.

Variatie headshot balans flits bestaand-klein

Dat ‘balans-effect’ wordt bovendien versterkt omdat het omgevingslicht op het onderwerp ook duidelijker zichtbaar wordt in de flitsopname en de totale lichtopval op het onderwerp wordt minder frontaal. De flitser hoeft bovendien minder hard te flitsen en dat heeft veel voordelen: een langere batterijduur, kortere recycletijden (sneller achter elkaar flitsen) en een korte flitspiek.

Obstakels vermijden
Ondanks juiste instellingen van camera en flitser kan het gebeuren dat een flitsfoto nog steeds het karakter heeft van een geflitste foto, omdat de omgeving ‘roet in het eten’ gooit. Vermijd daarom spotlights, vensterramen en spiegels (tegenlicht én reflectie) in het kader en voorkom ook witte tafels en pilaren op de voorgrond of schouders en hoofden. Een flitsfoto wordt eenvoudig beter door hierop te letten en een stapje links/rechts te doen, een iets hoger of lager standpunt te kiezen of door iets in te zoomen.

Recept
Als je goed op de lichtmeter let en de instellingen dienovereenkomstig aanpast, dan zullen je flitsfoto’s dus meer in balans zijn. Wil je echter alle aandacht hebben voor je onderwerp en is timing cruciaal, dan kun je het ‘denkwerk’ ook aan de camera over laten met het volgende ‘recept’.

• Flitser
- Flitsmodus E-TTL
- Flitskop met kapje
- Flitsbelichtingscompensatie op +1 Ev

• Camera
- M-stand met 1/100s en f/4 (naar believen aanpassen: 1/60s - 1/160s en f/2.8 - f/5.6)
- Meervlaksmeting
- Auto ISO
- Belichtingscompensatie -1 Ev of -2/3 Ev
- RAW
- Automatische witbalans of 3000°K (met kleurkapje)

Met bovenstaande instellingen zal de camera het omgevingslicht laten meewegen in de flitsbelichting en de achtergrond iets onderbelicht laten ten opzichte van het onderwerp. Experimenteer zelf met de stand van de flitskop met flitskapje. Soms is recht vooruit prima, soms geeft indirect betere resultaten.

In donkere situaties zal de ISO hoger worden, maar zolang het onderwerp goed ingevuld wordt met flitslicht zal dit vaak niet storend zijn. Wordt een flitsfoto zelfs bij 1/60s, f/2.8 en ISO 6400 niet evenwichtig belicht, dan wil dat zeggen dat het binnen erg donker is en je de onderbelichting of onbalans achteraf in Lightroom of DPP zult moeten aanpassen.

Samevatting
Door begrip van de invloed van de verschillende parameters die een rol spelen bij flitsfoto’s heb je het evenwicht tussen flitslicht en bestaand licht beter in de hand en kun je ook anticiperen op veranderingen.

Ga je met het bovenstaande recept aan de slag, probeer dat dan eerst thuis even uit onder verschillende omstandigheden. Succes!

Zijn je flitsfoto’s met bovenstaande informatie verbeterd of heb je zelf een ander ‘flitsrecept’, laat het dan onder dit artikel weten. Ik ben heel benieuwd.

Inloggen

Wachtwoord of loginnaam vergeten? Klik hier
Als je nog geen GRATIS persoonlijk account hebt op EOSZINE dan kun je deze hier aanmaken. Met dit account kun je o.a. de nieuwsbrief en het gratis digitale magazine ontvangen.