01 Flitsen, waarom?

door Pieter Dhaeze op dinsdag 01 juni 2010

Dat licht hét essentiële ingrediënt is voor een goede foto zal eenieder bekend zijn. Als fotograaf heb je vandaag de dag veel mogelijkheden om het bestaande licht optimaal te benutten: van hoge ISO's tot HDR. Het wordt echter moeilijker als we licht (moeten) gaan toevoegen. Daarom staan we in de komende EOSzines met een serie artikelen stil bij het fenomeen flitsen.

Traject
Het onderwerp flitsen behandel je niet in één artikeltje (archief: EOSzine 0904). Het is veel-omvattend en behelst meer dan het simpelweg opklappen van de interne flitser en indrukken van de ontspanner. Derhalve een serie artikelen die moet leiden tot een bewuster gebruik van flitslicht en dus tot betere foto's. We hebben voor de volgende onderverdeling gekozen:

Waarom flitsen
Het antwoord op de vraag waarom we (moeten) flitsen lijkt eenvoudig: er is te weinig licht. Zo denkt ook de camera erover, want staat hij in de volautomatische stand, dan zal de  interne flitser alleen opklappen als het 'donker' is. En buiten in de volle zon, zal hij in die 'groene stand' alle diensten weigeren. Toch zijn er omstandigheden dat je binnen niet wilt flitsen en buiten in de zon juist wel

Hoeveelheid licht
De reden om te flitsen die we hier toch als eerste noemen, is de hoeveelheid licht. Vooral binnen bij kunstlicht wordt de sluitertijd zo lang (langer dan 1/60s) dat we uit de hand geen scherpe foto kunnen maken vanwege bewegingsonscherpte door de camera of het onder-werp. Omdat binnen ook de afstand tot het onderwerp relatief klein is, kunnen we door te flitsen licht toevoegen aan het bestaande licht en zo met een korte sluitertijd werken. Is de flitser hierbij echter de hoofdlichtbron, dan ontstaan de karakteristieke flitsfoto's: hard direct licht, rode ogen, slagschaduw, reflecties, donkere achtergrond en overbelichte voorgrond. Om tot een goede flitsfoto te komen, zijn daarom ook onderstaande aspecten nog van belang.

Geflitst: Links bij ISO 100 zonder diffusor en rechts bij ISO 1600 met diffusor

Kwaliteit van het licht
Dankzij de instelling van hoge ISO's is het tegenwoordig mogelijk om in combinatie met lichtsterke lenzen ook in het half duister werkbare sluitertijden te bereiken van 1/60s (ISO 6400, f/2.8). Een veelgehoorde kreet is dan ook 'nooit meer flitsen'. We moeten daarbij echter wel beseffen dat behalve de hoeveelheid licht, ook de kwaliteit van het licht (spectrum) een rol speelt bij de kwaliteit van de opname. Als in het spectrum van een lichtbron bepaalde kleuren ontbreken, dan zal ook de kleurweergave van de opname niet accuraat zijn. Door te flitsen voegen we kwalitatief hoogwaardig licht toe (5000 °K en volledig spectrum) en voorkomen we kleurafwijkingen. Ook kunnen we dankzij flitslicht werken bij minder extreem hoge ISO's en zal  de hoeveelheid ruis beduidend minder zijn.

Contrast en detail
Door licht toe te voegen komen niet alleen de kleuren 'tot leven', maar afhankelijk van de richting en de verdeling van het flitslicht ontstaat ook een bepaalde mate van (lokaal) contrast en daarmee detail. Als het flitslicht over een oppervlak met enige structuur strijkt, ontstaan lokaal kleine schaduwtjes, waardoor het onderwerp meer diepte krijgt. Wil je dus een hooggedetailleerde opname van huid, haren, vacht, veren of materiaalstructuren, dan kun je dit bereiken door te flitsen, zelfs als er voldoende licht aanwezig is.

A: direct geflitst bij ISO 100 zonder diffusor   B: direct geflitst bij ISO 1600 zonder diffusor
C: direct geflitst bij ISO 100 met diffusor        D: direct geflitst bij ISO 1600 met diffusor


Invullen

Soms kun je dus flitslicht gebruiken om contrast in het onderwerp te brengen, maar er zijn ook gevallen om juist contrast te verminderen, zoals op een zomerdag met een felle hoogstaande zon of bij tegenlicht. Onderwerpen in deze omstandigheden die zich op enkele meters van de camera bevinden en (gedeeltelijk) onderbelicht zijn, kun we zelfs met een interne flitser prima invullen (met flitslicht). Bij een pet in de volle zon zien we dan toch een goed belicht gezicht en bij tegenlicht wordt het onderwerp goed belicht zonder dat de achtergrond wordt overbelicht.

Verdeling en richting
Als we flitsen dan hebben we ook de richting en de verdeling van het licht onder controle. We kunnen met een 'off-shoe cord' eenvoudig vanuit elke hoek het onderwerp belichten. Zouden we meerdere flitsers draadloos aansturen, dan kunnen we de belichting zelfs vanaf verschil-lende posities regelen. Om flitslicht beter te verdelen en zacht licht te gebruiken, zoals bij portretten, zijn veel accessoires verkrijgbaar van simpel flitskapje tot softbox.

Conclusie
'Nooit meer flitsen'? Nee, ga juist vaker flitsen. Deze reeks artikelen zal hopelijk duidelijk maken welke aspecten van licht belangrijk zijn en dat je met flitsen de kwaliteit van je foto's naar een hoger niveau kunt brengen.

Inloggen

Wachtwoord of loginnaam vergeten? Klik hier
Als je nog geen GRATIS persoonlijk account hebt op EOSZINE dan kun je deze hier aanmaken. Met dit account kun je o.a. de nieuwsbrief en het gratis digitale magazine ontvangen.