Pieter Dhaeze

  • Het einde van de fotografie geplaatst op zaterdag 4 maart 2017 12:22:06 door pjcdhaeze

    Laatst was ik bezig met een artikel over StyleShoots Live (klik hier), een geautomatiseerde fashion studio. Een interessante ontwikkeling, waarbij de factor mens bij dergelijke productfotografie en -video minimaal is. In het extreme geval zou een model met behulp van StyleShoots Live zonder hulp van anderen een eigen modesessie kunnen fotograferen en filmen, als een soort high-end selfie-shoot.

    Een fascinerend concept dat me aan het denken gezet heeft. Welke rol speelt de mens - voor en achter de camera - nog in de toekomst van fotografie en film? Die gedachtes namen helemaal de vrije loop na het zien van de film The Jungle Book. Een film met slechts een menselijke acteur, maar waarbij alle dieren en het landschap toch levensecht waren. Letterlijk ongelooflijk waar we tegenwoordig met virtual reality toe in staat zijn. En dat wordt alleen nog maar levensechter. Het zal niet lang meer duren of we kijken naar films met alleen digitale acteurs en decors, waarbij er geen verschil meer te zien is met het echte acteerwerk van ‘vlees en bloed’.

    En wat met film mogelijk is, is natuurlijk ook mogelijk met stilstaande beelden. Twee extreme voorbeelden.

    Portretshoot
    Je wilt een model portretteren en in plaats van een camera, licht, locatie, model, styliste en visagie te regelen, ga je achter je computer zitten. Klik: je hebt een model. Klik: ze heeft blond krullend haar. Klik: hoge jukbeenderen en vollere lippen. Klik: zachte huidstructuur. Klik: make-up. Klik: blauwe jurk. Of T-shirt met print. Klik: mooie ketting. Slepen: kader buste-shot en pose half gedraaid. Klik: ogen naar de camera. Klik: donkere achtergrond. Of toch liever een oude muur? Scherp of onscherp? Klik: iets meer hoofdlicht. Klik: een klein haarlichtje. Klik: ronde catchlights. Slepen: beetje in- of uitzoomen. Tevreden? Dan exporteer je het resultaat als een foto op elke gewenste resolutie. En omdat het model zo ‘geduldig’ is, maak je op basis hiervan in tien minuten misschien wel 100 net iets andere portretten, waarbij je elk facet van het portret tot op de pixel kunt aanpassen. Je hebt dus met minder moeite, in een kortere tijd, zonder casting, met minder kosten, met minder planning, zonder nabewerking, meer portretfoto’s gemaakt. Die bovendien kwalitatief niet te onderscheiden zijn van het echte werk of misschien zelfs wel beter zijn.

    Landschapsfoto
    Je wilt een opkomende zon fotograferen, maar in plaats van met je camera in het vliegtuig te springen, ga je weer achter je computer zitten. Klik: breedbeeldverhouding. Klik ondergaande zon. Klik: kleuren en helderheid kiezen. Klik: strook met wolken. Klik: spiegeling op het water. Klik: vogels in de lucht. Klik: rotsen links. Klik: bomen rechts. Klik: ronde keien in de voorgrond. Klik: zeewier erop. Klik: silhouet zeilboot op de horizon. Klik: lange sluitertijd of niet. Tevreden? Exporteer het landschap dan op 100 Mp of meer. Maak daarna nog enkele varianten met de zon hoger of lager. Met de wolken in een andere structuur. Met andere kleuren. Allemaal met een vlekkeloos eindresultaat. Je hoeft dus niet op pad. Niet extreem vroeg uit bed. Je bent nooit meer te laat. Het weer is nooit meer een spelbreker. En je landschapsfoto’s zijn nog nooit zo mooi geweest.

    Heb jij nu ook zo’n onbestemd gevoel? Dat is toch niet echt? Dat is toch ‘valsspelen’? Maar laten we eerlijk zijn. Als je opdracht krijgt om een beeld aan te leveren (landschap, architectuur, portret, interieur, food, fashion) en je kunt dat beeld op een computer maken exact volgens de wensen van de klant op de hoogste kwaliteit in een fractie van tijd en geld, waarom zou je dan nog een camera ter hand nemen om het onderwerp ‘in het echt’ vast te leggen met de kans dat de kwaliteit zelfs minder is dan van het virtuele beeld. Bovendien heeft het milieu baat bij deze virtuele ontwikkeling door minder vlieg- en autokilometers en minder verstoring van de natuur. Tevens kun je thuis werken en heb je meer tijd voor partner, kinderen en vrienden. En dat is onbetaalbaar.

    Mijn stelling: fotograferen (en filmen) wordt tussen nu en tien jaar net zoiets als paardrijden. Ooit noodzakelijk voor transport van mensen en goederen, maar tegenwoordig alleen nog een vrijetijdsbesteding. Of stel ik het te zwart-wit en zie ik zaken over het hoofd? Wat vind jij? Wat is de toekomst van de productie van beelden met een camera?


  • Interview Foto Konijnenberg geplaatst op donderdag 9 februari 2017 09:05:13 door pjcdhaeze

    Via deze blogs op EOSzine geef ik vaak ongevraagd mijn mening over zaken die de vrijetijdsfotograaf op zijn pad tegenkomt (of niet). Soms prikkelend door getreden paden te verlaten en soms relativerend door vastgeroeste gewoontes met een ‘fris’ oog te beschouwen, waarbij lezers blijkens de reacties bij de verschillende onderwerpen een ‘o ja’ of ‘aha’ beleving hebben.

    De blogs zijn ook onder de aandacht van Foto Konijnenberg gekomen en ze hebben me gevraagd voor een interview, waarin ze benieuwd zijn naar mijn mening over fotobewerking. En die heb ik ze gegeven..... ;-) (klik hier)

    Omdat je op de site van Foto Konijnenberg niet kunt reageren op het interview, kun je dat hier doen onder deze blog. Graag zelfs.


  • In de ban van 3:2 geplaatst op dinsdag 7 februari 2017 15:17:59 door pjcdhaeze

    Ik weet het nog goed. 2003. De overgang van mijn PowerShot G2 naar de EOS 10D. Niet alleen omdat fotograferen met een DSLR een heel andere beleving is dan met een compactcamera, maar vooral omdat ik overstapte van de beeldverhouding 4:3 naar 3:2. Bij veel foto’s die ik maakte met mijn EOS 10D had ik in het begin het gevoel dat ik kaderhoogte tekort kwam en vaak iets verder achteruit moest gaan staan of uitzoomen, dan dat ik gewend was met mijn G2.
    Het ‘gemis aan hoogte’ bij de EOS 10D was echter maar tijdelijk en na een paar maanden was mijn kijk op de wereld onlosmakelijk gekoppeld aan een frame met beeldverhouding 3:2. Tot op de dag van vandaag. Meestal horizontaal en soms verticaal.

    Op zich is daar natuurlijk niets mis mee, maar ik merk dat het een soort obsessie is geworden. Toen ik laatst foto’s aangeleverd kreeg van Pim Ras voor het Handboek Sportfotografie (klik hier) merkte ik dat ik me ongemakkelijk voelde bij het willekeurige kader waarmee Pim zijn foto’s bijsnijdt. Voor Pim is de vrije kaderkeuze vanzelfsprekend in zijn opzet om een beeld zo pakkend mogelijk te presenteren. Hij wil zich - net als bij de keuze van alle andere fotoparameters - niet beperkt voelen door het vaste stramien van de sensor van zijn camera.

    Nadat ik de eerste ‘schok’ te boven was, kan ik zijn visie nu wel volgen. Want waarom heb ik eigenlijk altijd de neiging gehad me vast te pinnen op 3:2? Niét omdat dat zo handig is voor beeldvullende presentatie op een telefoon of televisie, want die zijn 16:9. Of op een iPad, want die is 4:3. Is die kaderverhouding van 3:2 dan handig als je foto’s gaat afdrukken en afwerken? Bij een afdrukje van 15 bij 10 cm misschien wel, maar die maak ik nooit. Wordt het afdrukformaat groter, dan zie je zelden nog de 3:2-verhouding: 18 bij 13 cm, 20 bij 15 cm, A4, A3, A3+. Allemaal geen 3:2. Of een vierkant fotoboek van 30 bij 30 cm.

    Hoewel er voor mij dus rationeel gezien voldoende redenen zijn om 3:2 los te laten, heb ik het er gevoelsmatig nog wel moeilijk mee. Het slotje tijdens het bijsnijden in Lightroom is nog steeds standaard dicht en ook tijdens het bijsnijden in Photoshop houd ik automatisch de Shift-toets ingedrukt, waarbij mijn uitsneden dus nog altijd 3:2 zijn.
    Ik blijf mijn best doen uit de ban van 3:2 te treden, met in gedachten de overgang van de G2 naar de EOS 10D. Die ontwenning is me ook gelukt en dat moet nu ook lukken.

    Hoe ‘heilig’ is de 3:2-verhouding voor jóu? Hoe snijd jij jouw foto’s bij? Weet jij wél een goede reden om bij 3:2 te blijven? Laat het me weten in de onderstaande reacties!


  • Jaaroverzicht Canon 2016 geplaatst op vrijdag 30 december 2016 13:57:17 door pjcdhaeze

    In deze tijd van jaaroverzichten is het hoog tijd voor een ..... jaaroverzicht. Waarmee heeft Canon ons in 2016 verrast? Uit de lange lijst van persberichten van Canon hebben we het volgende overzichtje gemaakt:

    • Vijf nieuwe EOS-camera’s: EOS 80D, EOS 1DX II, EOS 1300D, EOS 5D IVEOS M5
    • Vier nieuwe PowerShots: PowerShot SX420, SX 540, SX720G7X II
    • Vijf nieuwe lenzen: EF-S 18-135mm IS nUSM, EF-M 28mm, EF-M 18-150mm IS, EF 24-105mm 4L IS II, EF 70-300mm II nUSM, EF 16-13mm 2.8L III
    • Een nieuwe flitser: Speedlite 600EX II-RT
    • Een 4K-projector: XEED 4K500ST
    • Een mijlpaal: 120 miljoen EF-lenzen

    In 2016 werden over de hele breedte van EOS-camera’s nieuwe modellen geïntroduceerd. De EOS 70D kreeg de EOS 80D als opvolger en daarmee werd een al uitstekende allround camera nog completer. De EOS 80D is momenteel het topmodel in de APS-C line-up. De EOS 7D mark II is wel sneller, maar voor het overige presteert de EOS 80D beter. Vooral het sterk verbeterde dynamische bereik van de sensor zal veel vrijetijdsfotografen aanspreken. In de lijn van de EOS 80D moet ook de komst van de EOS 5D mark IV als nieuwe full-frame camera gezien worden. Een al heel complete camera, de EOS 5D mark III, wordt op alle punten overtroffen door zijn jongere broertje. Ook hier is het dynamische bereik veel beter en zorgen de 30 miljoen pixels en de 4K video voor een onovertroffen beeldkwaliteit. Beide nieuwe camera’s gebruik ik in mijn dagelijkse praktijk en elke keer als ik van een shoot terugkom, verschijnt er een voldane glimlach op mijn gezicht.
    In al zijn specialiteit als sportcamera heeft de EOS 1DX een verdere facelift gehad naar de EOS 1DX mark II. Wat een ‘beest’ van een camera met 20 Mp en 14 fps en 4K met 60 fps! Ik heb enige tijd met deze camera rond kunnen lopen en kunnen vergelijken met de EOS 5D mark IV. Dan pas merk je wat er anno 2016 allemaal mogelijk is met het juiste gereedschap. Geïnteresseerd? Lees dan hier mijn ervaringen.
    Bovenstaande EOS-modellen zijn bedoeld voor de serieuze en enthousiaste vrijetijdsfotograaf en voor de pure pro. Maar ook de beginnende en doorstappende fotograaf is in 2016 aan zijn trekken gekomen. Als je tot de conclusie gekomen bent dat je telefoon - ondanks het gemak - eigenlijk een slecht cameragereedschap is, dan kun je met de EOS 1300D een grote stap vooruit maken. Dat deze camera niet veel anders is dan zijn voorganger is logisch, omdat de drempel naar een dergelijk instapmodel laag moet blijven. Hoe meer toeters en bellen, des te meer de bediening en instelling van zo’n camera ‘af kan schrikken’.
    Wil je in plaats van je telefoon met een kleine camera op stap, maar toch ook over veel mogelijkheden beschikken, dan is in 2016 de EOS M5 jouw camera. Dit spiegelloze model is op veel fronten te vergelijken met de EOS 80D, maar dan compacter. Ook de lenzen zijn kleiner, zodat je lichtbepakt op citytrip of dagje uit kunt. In dit segment van spiegelloze EOS-camera’s hopen we dat Canon in 2017 naast de EF-M 22mm f/2 nog enkele lichtsterke vastbrandpuntlenzen op de markt brengt.
    Hoewel de compactcamera veel concurrentie heeft van de smartphones, heeft Canon toch drie nieuwe PowerShots uitgebracht die de smartphone op het gebied van ergonomie, beeldkwaliteit en optisch zoom ver overtreffen. Het is bizar om te zien hoe veelzijdig de PowerShot SX420, SX 540 en SX720 zijn en dat de beeldkwaliteit in vakantie-omstandigheden weinig te wensen overlaat. Wij hebben de PowerShot SX720 mee op vakantie naar Italië genomen en de foto’s waren verbluffend goed (klik hier). En natuurlijk waren we dit jaar ook heel blij met de komst van de PowerShot G7X mark II. De originele G7X is - onopvallend in mijn jaszak - mijn ‘dagjes uit’-camera en zijn opvolger kan dat ook voor jou zijn. Met een sensor van 1 inch, RAW en lichtsterke zoomlens weet je zeker dat je met mooie foto’s én video thuiskomt.

    Een goede camera kan niet zonder een goede lens. En op dat punt blijft Canon koploper in de markt. Ze hebben in 2016 de mijlpaal van 120.000.000 geproduceerde objectieven bereikt en dat zegt genoeg over de populariteit en kwaliteit van hun lenzenaanbod. Voor zowel EOS-M, EOS APS-C en EOS volbeeld is een nieuwe standaardzoomlens op de markt gekomen (EF-M 18-150mm IS, EF-S 18-135mm IS nUSM, EF 24-105mm 4L IS II). Ze hebben een bovengemiddelde beeldkwaliteit, zijn relatief voordelig en zijn zeer universeel inzetbaar. In het topsegment heeft Canon de EF 16-35mm 2.8L III uitgebracht. Deze lens heeft een ongekend hoge beeldkwaliteit en sluit daarmee naadloos aan bij de EF 24-70mm 2.8L II en de EF 70-200mm 2.8L IS II. Met dat trio kun je als pro elke onderwerp haarscherp en onderscheidend in beeld brengen.
    Een leuke verrassing is de komst van de EF 70-300mm IS II. Het is een goede en voordelige telezoomlens, vooral voor APS-C en is als eerste lens voorzien van een lcd-schermpje, waarvan mijns inziens het praktisch nut echter beperkt is.

    2017
    Behalve een tijd van terugkijken is de jaarwisseling ook het moment om vooruit te blikken. En in het geval van producten van Canon houdt dat de gemoederen flink bezig. Als ik mijn eigen wensenlijstje zou mogen maken, dan staat daar echter niet veel op. Met het huidige aanbod van Canon is er eigenlijk geen enkel onderwerp dat je niet op de hoogste kwaliteit kunt vastleggen.
    Als ik wat dieper nadenk, dan zou een spiegelloze full-frame camera mét een electronische sluiter en ingebouwde beeldstabilisatie (IS) een prima aanvulling zijn in de EOS-reeks. Bruids- en reportagefotografen zouden dan in ‘stealth’-modus verslag kunnen doen van de heugelijke dag of evenement. En alle lichtsterke EF-toplenzen zouden dan kunnen profiteren van IS op de sensor. En als we dan toch aan het fantaseren zijn, dan moet deze camera ook 4K-video, wifi en gps hebben.
    Wil je zelf eens mijmeren over nieuwe camera’s en lenzen en wegdromen bij de geruchten op internet, google dan eens ‘canon in 2017’ en je weet ‘alles’ over Canon in 2017 ;-)

    Ik bedank alle EOSziners voor de aandacht in 2016 en wens iedereen een fotogeniek 2017. Blijf EOSzine volgen op onze website en de social media Twitter, Facebook en YouTube.

    Pieter Dhaeze


  • Dat is een mooie foto?? geplaatst op woensdag 14 december 2016 08:08:54 door pjcdhaeze

    Als je op televisie een programma ziet met als onderwerp fotografie, zoals Het Perfecte Plaatje, dan gaat het altijd over het maken van mooie foto’s. En dat is ook het geval bij exposities en fotowedstrijden. En zijn er ook altijd ‘experts’ die blijkbaar de kwalificatie ‘mooi’ een cijfer kunnen geven. Maar wat is eigenlijk een mooie foto? Een persoonlijk gedachtespinsel.

    Mijn ‘mooi’
    Of ik een foto mooi vind of niet, is heel simpel. Dat wordt bepaald door de eerste oogopslag op een foto. Als die eerste indruk geen ‘klik’ geeft, dan is het maar zelden zo dat ik na lang kijken, denken of praten de foto alsnog mooi ga vinden. Waarom die klik er wel of niet is, wordt waarschijnlijk door veel (van onderstaande) factoren bepaald, maar het is bijna altijd een ‘gevoelskwestie’ en zelden een overdachte waardering.

    Algemeen ‘mooi’
    Mijn ‘definitie’ van mooi is dus niet overdacht, maar een gevoel, terwijl dat in de praktijk van exposities en fotowedstrijden vaak anders is. ‘Men’ vindt een foto mooi (in willekeurige volgorde):

    • omdat een expert (topfotograaf, kunstkenner) een foto mooi vindt
    • omdat er een bekende persoon opstaat
    • omdat het onderwerp onbekend is
    • omdat het een bijzonder onderwerp is
    • omdat de fotograaf bekend is
    • omdat de foto met een bepaald ‘gereedschap’ (camera, lens, analoog) gemaakt is
    • omdat de foto op het juiste moment genomen (positie, emotie)
    • omdat het licht mooi is
    • omdat de foto technisch perfect is
    • omdat er een filter overheen zit
    • omdat het model niet lacht
    • omdat de compositie aan regels voldoet
    • omdat de fotograaf er een hele uitleg bij geeft
    • omdat de foto bijzonder (formaat, techniek, papier) wordt gepresenteerd en duur is

    ..... expert
    Kennis van zaken en historisch besef zijn ongetwijfeld van belang om iets te kunnen waarderen, maar als het om schoonheid gaat of om smaak, dan is het subjectieve gevoel vaak meer maatgevend. Ga je een foto mooi vinden, omdat een fotokenner hem mooi vindt?

    ..... bekende persoon
    Foto’s van BN-ers, filmsterren, topsporters, muzikanten. Algemeen worden veel van deze foto’s als ‘mooi’ beschouwd, maar wat is het verschil in mooiheid als mijn ‘buurman’ op de foto staat in plaats van Herman Brood?

    ..... onbekend onderwerp
    Maak een foto van een bejaarde vrouw met een bolknak in de mond bij een oldtimer voor een vervallen huis in Cuba en iedereen vindt hem prachtig. Maak een foto van je ‘buurvrouw’ bij een VW Golf en alle magie is weg. Of wat is het verschil tussen een foto van een olifant in Afrika en van een koe in een Nederlandse wei?

    ..... bijzonder onderwerp
    Vluchtelingen, verslaafden, zwervers. Maak foto’s van dergelijke onderwerpen en een kiekje wordt een ‘mooie’ foto. Uitgewassen kleuren, harde contrasten en zwart-wit zijn belangrijke sfeermakers, maar o zo cliché.

    ..... bekende fotograaf
    Hoe een bekende fotograaf bekend wordt, is onduidelijk. Maar als hij/zij eenmaal bekend is vooral bij de ‘in crowd’, dan zijn ook meteen alle foto’s die door hem/haar gemaakt worden ‘mooi’. Tenminste zo lijkt het. En vind je een dergelijke foto niet mooi, dan begrijp je ‘het’ niet. Vreemd, want er bestaat geen enkel merk dat áltijd alleen maar góede producten of diensten op de markt brengt. Dus ook een bekende fotograaf maakt niet per definitie altijd ‘goede’ foto’s.

    ..... bepaald gereedschap
    Je leest bij een foto dat hij gemaakt is met een middenformaat hi-res topcamera met een peperdure lens en de kans is groot dat de foto daarmee in ‘mooiheid’ stijgt. Of als je hoort dat de foto nog analoog genomen is met een heel ‘antiek’ toestel. Ook dan stijgt de waardering. Is een foto gemaakt met ‘maar’ een telefoon, dan wordt een foto vaak minder ‘mooi’ gevonden.

    ..... juiste moment
    Het juiste moment (en de juiste plaats) is zeker een factor bij het welslagen van een foto. En hoewel het beslissende moment soms gevangen wordt in een ‘lucky shot’, gaat er bijna toch altijd (enige) voorbereiding aan vooraf. Een sportfotograaf kiest plaats en instellingen om dat schot van Messi in de kruising te pakken en een landschapsfotograaf is een halve meteoroloog om dat bijzondere licht op die unieke plaats in beeld te kunnen brengen.

    ..... mooi licht
    Goed licht voor een mooie foto moet niet onderschat worden. Licht is namelijk dé basis voor een foto. Maar mooi licht moet ook niet overschat worden of aangepraat. Het gaat erom dat het licht past bij het onderwerp. Soms is dat de schemering bij een landshap, soms is dat het flitslicht voor een productfoto.

    ..... beeldkwaliteit
    Tegenwoordig lijkt het alsof een foto zo scherp moet zijn dat we met een loep detail moeten kunnen zien, dat in geen enkele gangbare publicatievorm (full HD, A3 print) ooit zichtbaar zal worden. Soms lijkt hoge beeldscherpte het enige criterium voor een ‘goede’ foto.

    Licht en scherpte
    De focus van het menselijk oog zoekt als eerste houvast op heldere en/of scherpe delen van een foto. Dat gegeven kan de fotograaf gebruiken om zijn kijkers te ‘pakken’ en hun aandacht te sturen.

    ..... filter
    Een gewone kleurenfoto is maar zo ....... gewoon. Gooi er een ‘Instagram-sausje’ overheen of maak de foto zwart-wit met harde contrasten en veel korrel en de foto wordt plotseling bijzonder (mooi). Zwart-wit kan iets toevoegen aan een onderwerp, maar het moet geen ‘vluchtkleur’ zijn.

    ..... lachend model
    Het lijkt wel of bij een ‘mooi’ portret het model niet mag lachen. Er zijn beroemde fotografen die dat als handelsmerk hebben. Hoe somberder, hoe beter. Bij voorkeur in ‘hard’ zwart-wit. ?????

    ..... compositieregels
    De visuele aspecten waarom ‘men’ foto’s aansprekend vindt, zijn ooit onderzocht en vastgelegd in compositieregels: vlakverdeling, in- en uitgangen, perspectief, gelaagdheid. Als een foto aan die ‘regels’ voldoet, dan schijnt het ook een mooie foto te zijn. Waar is de spontaniteit? Niet zelden is afwijken van de regels veel mooier dan het ‘standaard mooi’.

    ..... een verhaal
    Het schijnt dat een ‘mooie’ foto een verhaal moet vertellen. Soms is dat het geval, maar vaak moet de fotograaf bij ‘een foto met een verhaal’ een minutenlange uitleg geven. Dan maakt de fotograaf het verhaal, niet zijn foto. Hoe meer er bij een foto gepraat wordt, des te twijfelachtiger de ‘mooiheid’.

    ..... formaat en prijs
    Blaas een foto op tot groot formaat, druk hem af met een bijzondere techniek op bijzonder materiaal en zorg dat er een fors prijskaartje aan hangt en de kans is groot dat men de foto mooi vindt. En zelfs: hoe duurder, hoe mooier.

    Tot slot
    Dit persoonlijk gedachtespinsel over waarom een foto mooi is of niet, is toch weer een lang verhaal geworden. Het is zeker niet bedoeld om een mening op te dringen. Integendeel. Iedereen is vrij om iets mooi te vinden wat hij of zij zélf mooi vindt. Toch? Maar laat je daarbij niet (teveel) leiden door wat een ánder mooi vindt of wat volgens de ‘regels’ mooi zou moeten zijn, maar volg je eigen ‘vlinders in je buik’. Doe dat niet alleen bij het beoordelen van foto’s van anderen, maar ook bij het maken van je eigen foto’s. Want anders maken we straks allemaal dezelfde foto’s en kunnen we onze camera inruilen voor Google Afbeeldingen.

    Of stel ik het nu toch weer te ‘zwart-wit’. Wat vind jij? Laat het hieronder weten.


  • Iets wat je niet ziet, ........ geplaatst op zaterdag 22 oktober 2016 14:53:17 door pjcdhaeze

    Als ik een review schrijf over een camera, lens of printer of ik begin met een artikel over een bepaalde nieuwe camerafunctie, dan ga ik vooraf eerst even met het betreffende onderwerp ’spelen’. Ik neem het nieuwe gereedschap mee tijdens ‘een blokje om’ of kies in het veld de nieuwe instelling, zodat ik me bij thuiskomst een beeld kan vormen van het praktisch nut van de te bespreken ‘nieuwigheid’. Aan de hand van die eerste praktische ervaringen test ik vervolgens de camera of functie onder gecontroleerde omstandigheden en probeer het vervolgens met een nuttige toepassing onder de aandacht van mijn lezers te brengen. Want wat heb je aan een nieuwe functie of instelling als je er geen betere foto’s door gaat maken of je de hogere kwaliteit niet kunt zien. Want iets wat je op een foto niet ziet, daar hoef je je ook niet druk over te maken en tijd aan kwijt te zijn. En met dat ‘zien’ bedoel ik niet 100% in Photoshop - want dat is een soort microscoop - maar gewoon op normale kijkafstand op een telefoon, iPad, televisie of op een A3 (klik hier). Zo ben ik al jaren geleden gestopt met het bekijken van fotoprints met mijn neus op het papier. En krijgen beeldscherpte en -ruis als kwaliteitscriteria steeds minder gewicht in mijn oordeel over een camera of lens.

    Klik op het vraagteken....

    Bovenstaande bespiegeling werd afgelopen week weer actueel (en is ook de reden van dit blogje), toen ik een begin wilde maken met een artikel over Dual Pixel RAW  (DPR) op de EOS 5D mark IV. Prachtige camera (review), van alle gemakken voorzien, snel en met hoge beeldkwaliteit, die DPR als USP hoog op zijn affiche heeft staan. Met DPR zou je het scherpstelpunt achteraf moeten kunnen verschuiven, het bokeh moeten kunnen aanpassen en lensspiegeling moeten kunnen verminderen. Met de nadruk op ‘zou moeten kunnen’, want na meerdere blokjes om, verschillende studiotests en vele uren turen op 100% in DPP, kon ik van geen van de drie genoemde aspecten een significant en praktisch voorbeeld presenteren. Het idee achter DPR is intrigerend en in sommige klinische omstandigheden misschien enigszins waarneembaar, maar als je het niet ‘ziet’, dan hoef je er ook niet naar te kijken en kan deze optie gewoon uit blijven staan. Wil je er toch alles van weten, kijk dan op de betreffende pagina op Canon NL (klik hier) of de video van Tony Northrup (klik hier).

    Vind jij wel een zichtbare praktische toepassing van DPR, aarzel dan niet dat met ons te delen en stuur ons een mailtje (klik hier). Of laat een linkje achter in een onderstaande reactie.

    Vanuit de bespiegeling ‘iets wat je niet ziet, daar hoef je niet naar te kijken’ heb ik mijn mijmeringen nog meer de vrije loop gelaten, waaruit de volgende ‘tegeltjeswijsheid’ werd geboren:

    ‘Fotografie anno 2016 heeft geen betere camera’s nodig, maar betere fotografen’.

    want iédereen kan áltijd nog iéts leren! Toch? Of is dat wel heel erg zwart-wit? Wat vind jij?


  • Adobe rules RAW.... geplaatst op maandag 19 september 2016 17:26:49 door pjcdhaeze

    Al van het eerste begin ben ik al een enthousiast en tevreden gebruiker van Lightroom. We praten dan over 2006, het jaar waarin Adobe de converter ‘RAWshooter’ (snel, overzichtelijk, hoge kwaliteit) had overgenomen om als basis te gebruiken voor hun eigen RAW-workflowprogramma, zijnde Lightroom.

    Een gouden greep, want wanneer je anno 2016 het landschap van RAW-converters bekijkt, dan zijn in de loop van de jaren al veel ‘concurrenten’ afgevallen. Apple is gestopt met Aperture. Corel heeft Bibble overgenomen en omgedoopt in Aftershot, waarmee het in de vergetelheid geraakt is. Lightzone en Silverfast zijn verdwenen. Alleen Capture One en DXO bieden nog enigszins tegengas.
    Die ontwikkeling is eigenlijk niet vreemd. Adobe is natuurlijk al een grote speler in de wereld van digitale beeldbewerking en bovendien houden ze heel nauw contact met wat er bij hun gebruikers leeft en wat hun behoeftes zijn. Ze tonen een intensieve betrokkenheid. Dat zie je niet alleen terug in Lightroom (en Photoshop), maar ook in de actieve rol die zij spelen bij de ontwikkeling van apps voor mobiele apparaten die in gebruik zijn bij creatievelingen. Elk creatief idee kun je tegenwoordig op elk moment van de dag in woord en/of beeld (foto, video, 3D) vastleggen, uitwerken en delen.

    Je merkt dat ik wel blij kan worden van Adobe in het algemeen en Lightroom in het bijzonder. Bijna elke taak of handeling die ik wil uitvoeren met digitaal beeld kan ik met deze programma’s snel en eenvoudig tot een goed einde brengen. Natuurlijk zijn er verbeterpuntjes, maar geen enkel product of dienst is perfect, dus daar hoor je mij niet (vaak) over klagen.

    Omdat Lightroom en Photoshop zo compleet zijn en soepeltjes werken, sta ik eigenlijk nooit zo stil bij de rol die deze programma’s spelen bij de kwaliteit van de hedendaagse fotografie. We kunnen heel veel tijd en moeite stoppen in de keuze van de beste camera of die van een geschikte lens, proberen de beste instellingen te kiezen voor belichting en scherpte of heel druk bezig zijn met witbalans en kleuren. Maar als de RAW-fotograaf daarmee klaar is en zijn foto’s heeft gemaakt, dan importeert hij de resultaten van al die inspanningen bijna gedachteloos in Lightroom in de veronderstelling dat die keuze van de beste camera met de beste lens en de beste instellingen ook daadwerkelijk zal leiden tot de kwalitatief beste foto. En dat is maar in een zeer beperkte mate het geval. Want hoewel Adobe veel contact heeft met eindgebruikers, werken ze niet samen met de bekende cameramerken, die NOOIT hun recepten van hun zeer specifieke RAW-bestanden zullen delen met Adobe. Alles wat er dus in Lightroom gebeurt, komt voort uit ‘reversed engineering’, eigengemaakte profielen en misschien ook nog wel ‘trial and error’. En hoewel ze dat bij Adobe heel goed doen, ziet een RAW-beeld vanuit Lightroom er toch anders uit dan ontwikkeld met Digital Photo Professional (DPP).
    Dus eigenlijk zou elke Canon-fotograaf met dat programma moeten werken. Dat dat echter niet het geval is, ligt in het feit dat DPP niet echt snel is, niet echt gebruikersvriendelijk (o.a. geen NL-versie) en niet over zo’n uitgebreide ‘feature set’ beschikt als Lightroom. En omdat het kwaliteitsverschil tussen DPP en Lightroom klein is, nemen zowel de vrijetijdsfotograaf als de pro dat verschil voor lief en geven de hoge snelheid, het grote gemak en de extra mogelijkheden ruimschoots de doorslag om vanzelfsprekend met Lightroom aan de slag te gaan. En daar is helemaal niets mis mee, want ik werk al die jaren al met volle tevredenheid met Lightroom. En als ik daarin een RAW-foto heb ontwikkeld en daarvan de kleuren, belichting, contrast en het detail op 100% op mijn beeldscherm bewonder, dan denk ik nooit “zal ik deze foto ook nog eens door DPP laten processen”. Dat alles onder het motto ‘goed is goed’.

    Je zult je afvragen waarom ik nu juist op dit moment mijn bewustwording van de rol van Adobe via deze blog wil delen. Reden is de komst van de EOS 5D mark IV. Een camera waarbij de verwachtingen ten aanzien van beeldkwaliteit hooggespannen zijn. Maar over welke beeldkwaliteit praten we dan? Van de JPEG’s? Nee, want de camera staat altijd in RAW. Van de RAW’s uit DPP? Nee, ook niet. Want daarmee ontwikkelen we 95% van onze foto’s niet. Nee, de beeldkwaliteit waarover we praten is zoals Lightroom ons die biedt. En op 19 september 2016 bestaat die kwaliteit dus nog niet, omdat de meest actuele versie van Lightroom de RAW-bestanden van de EOS 5D mark IV nog niet herkent. Jammer, maar helaas. En tot die tijd kan ik eigenlijk geen echt antwoord geven als een lezer belangstellend aan mij vraagt “En, hoe is de beeldkwaliteit van de EOS 5D mark IV?”. De vooruitzichten zijn goed, want de JPEG’s zijn prachtig en ook DPP levert mooie plaatjes af, maar zolang Adobe geen profielen uit zijn hoge hoed tovert, is de beeldkwaliteit van de EOS 5D mark IV nog een groot vraagteken. En dat geeft aan dat niet Canon of de fotograaf de kwaliteit van zijn RAW-foto’s bepaalt, maar Lightroom.

    Conclusie: ‘Adobe rules RAW' of zelfs 'Adobe rules photography’ en hoewel ik daar persoonlijk niet zoveel moeite mee heb, is het eigenlijk toch een heel vreemde constatering, want daarmee verdwijnt het onderscheid tussen alle camera's en merken, omdat elke RAW-foto overgoten is met een Adobe-sausje. Of heb ik het mis? Wat vind jij?


  • Gepaste trots? geplaatst op donderdag 1 september 2016 17:23:58 door pjcdhaeze

    Elk jaar in juli en augustus organiseert Parkies een serie concerten in Vlaanderen en West-Brabant. Ook Roosendaal wordt daarbij op een woensdagavond aangedaan met optredens van artiesten en groepen van verschillende pluimage. Variërend van Peter Koelewijn tot Wipneus en Pim. Voor ieder wat wils. De groene locatie - Het Vrouwenhof - en de gemoedelijke sfeer zorgen elke keer voor een gezellige entourage.

    Als ik even tijd heb, breng ik altijd even een bezoekje van de concerten. Natuurlijk gewapend met een camera, waarbij ik de uitdaging aanga om steeds met een andere combi ‘ten tonele te verschijnen’. Van een Powershot SX720 via een EOS 80D met een EF 100-400mm tot een EOS 5D mark III met een EF 16-35mm of zelfs een fisheye. Op deze manier heb ik al een aardige collectie concertfoto’s opgebouwd (zie ‘5 Tips’, klik hier).

    Deze woensdag werden we verrast door een heerlijke zomeravond. Lekker temperatuurtje, licht briesje, mooie lage zon. Ik had besloten om deze keer mijn EOS 80D mee te nemen met daarop mijn EF 70-200mm 2.8L IS II. Door de cropfactor had ik de nodige lengte voor mooie close-ups en met die f/2.8 hoefde ik niet echt ‘bang’ te zijn voor hoge ISO’s. Deze keuze bleek een voltreffer te zijn, want op het toneel stonden de muzikanten en zangeressen van Liptease. Ik citeer:

    Liptease brak door dankzij de tv-show Holland’s Got Talent (website: klik hier). Zoet, zuiver en stoer, dat zijn zowat de sleutelwoorden. Want op Liptease een duidelijke stempel kleven, lijkt niet simpel. Deze oprechte liveband zou het midden houden tussen de grootheidswaanzin van metal uit de jaren 80 en de subtiliteit van een triangelspeler,  klinkt interessant… In 2014 presenteerde de band met Fireball trots de eerste single met bijhorende videoclip. Het was alweer een mooie stap vooruit in hun loopbaan.

    Een kleurrijk ensemble dat in combinatie met de kleurige lichtshow voor een prachtig fotodecor zorgde. De styling en visagie van de dames was verbluffend en hun inzet en expressie maakte deze fotosessie tot een ‘feestje’.

    Met veel plezier heb ik dan ook de nodige plaatjes geschoten, terwijl ik bovendien nog kon genieten van de prima muziek. Welgemoed ging ik die avond naar huis en de volgende ochtend werd dat goede humeur nog versterkt met een serie prachtige portretten. Ik was er zelf dik tevreden over. Op een van de foto’s was ik zelfs een beetje trots. Het beeld pakte me. Ik weet niet waarom, maar ik werd er fotografisch blij van. Zo blij zelfs dat ik hem op 90 bij 60 cm afgedrukt heb en hem op een rood MDF-passe partout in mijn studio heb gehangen, zodat ik er de komende tijd elke dag spontaan van kan genieten.

    Ondanks alle blijdschap, bekroop me in de loop van de week een ongemakkelijk gevoel. Waarom was ik eigenlijk trots op deze foto? Ik had me nauwelijks voorbereid. Ik had niet echt een concept in mijn hoofd. De setting op het podium had ik niet geënsceneerd. De pose en uitdrukking van het model waren toevallig. Het enige wat ik gedaan heb is scherpgesteld, herkaderd en de ontspanner ingedrukt. En daarna in Lightroom en Photoshop gespeeld om er een ‘Selective colour’ (oeps, sorry) van te maken. Zelfs het MDF-plaatje heb ik op maat laten zagen. Ik heb het alleen rood geschilderd, de foto op foamboard geplakt en het geheel gemonteerd. That’s all. Eigenlijk helemaal niets om trots op te zijn. Toch tovert de foto elke keer een glimlach op mijn gezicht en vervuldt mij van een tevreden gevoel.

    De vraag is dus: wanneer kun je als fotograaf trots zijn op een foto? Moet die opname dan het resultaat zijn van ‘bloed, zweet en tranen’ of van een uniek concept met perfecte timing? Of mag het ook een toevallig ‘kiekje’ zijn op een zomeravondconcert? Is dat dan gepaste of misplaatste trots? Wat vind jij?


  • Vakantie zonder RAW (deel 2) geplaatst op zaterdag 6 augustus 2016 11:35:25 door pjcdhaeze

    Voor veel mensen - en dus ook voor de vrijetijdsfotograaf - is de zomervakantie het fotografisch hoogtepunt van het jaar. Je bent in een andere - inspirerende - omgeving, ziet andere mensen en gebruiken en hebt meer tijd om met je camera op pad te gaan.

    Voor het fotografisch aspect van mijn vakantie probeer ik altijd een uitdaging aan te gaan. Vroeger ging dat onder het motto ‘meer gereedschap = betere foto’s’, maar sinds vorig jaar ben ik aan het downscalen en heb voor de eerste keer mijn EOS niet meegenomen. De PowerShot G7X was echter een meer dan uitstekende vervanger. Niet alleen omdat de fotokwaliteit niet veel achterblijft bij die van een EOS, maar ook omdat hij zo lekker compact is. Hij past onopvallend in een ruime broekzak of kleine handtas. Daardoor voel je je minder fotograaf, loop je niet steeds achter de rest van de familie aan en neem je automatisch meer de gelegenheid om ook gewoon met je ogen van mooie dingen te genieten, zonder er altijd via de zoeker van je camera naar te kijken. Lees mijn blog hoe het in 2015 vergaan is met ‘Een vakantie zonder EOS’ (klik hier).

    Dit jaar zocht ik een andere uitdaging en vond die in ‘Een vakantie zonder RAW’ (klik hier). Ik had natuurlijk gewoon mijn PowerShot G7X mee kunnen nemen en die op JPEG kunnen zetten, maar dan zou ik de neiging gehad hebben om toch af en toe over te schakelen op RAW. Om mezelf niet in die verleiding te brengen, heb ik daarom als fotogereedschap alleen een PowerShot SX720 tussen mijn sokken in de koffer gedaan. Deze camera kán alleen in JPEG fotograferen.

    Ik was behoorlijk onder de indruk van de SX720 ten tijde van onze review (klik hier) en met een brandpuntbereik van 24 tot 960 mm eq. kun je bij heel veel onderwerpen tot onderscheidende foto’s komen. Met zijn groothoek fotografeer je eenvoudig een weids landschap of groot gebouw. Zoom iets in en maak een reeks overlappende foto’s, dan monteer je die in een handomdraai tot een panorama (klik hier). Tussen de 200 en 400mm maak je mooie portretten en kun je ook perspectief verdichten. Zoom je helemaal in, dan worden vogeltjes en insecten - maar ook abstracte details - close-up kadervullend en kun je verre onderwerpen in beeld brengen, die voor andere camera’s buiten bereik blijven. Met één druk op de knop maak je ook nog eens full-HD video. Dat alles in een goed in de hand liggende camera met een prima bediening.

    Met de genoemde eigenschappen verslaat de PowerShot SX720 de camera van een mobiele telefoon op alle fronten. Met de Camera Connect app konden we bovendien foto’s snel via onze telefoon versturen naar het thuisfront.

    Zoals verwacht zijn de resultaten met de PowerShot SX720 prima in orde voor de gewenste publicatievormen: full-HD beeldscherm en A4 print. Ruisonderdrukking die altijd wordt toegepast op JPEG is dan niet te zien. Enige twee ‘minder’-puntjes van deze compactcamera zijn de snelheid van de autofocus en de kans op clipping in de hooglichten. Als je je daar van bewust bent, dan hoeven die beperkingen geen problemen op te leveren tijdens een dagje uit.

    We zijn dik tevreden over het gemak waarmee we dit jaar onze vakantiefoto’s hebben kunnen maken. Dat we niet steeds als ‘m/v de fotograaf’ hebben rondgelopen. En dat we toch met heel acceptabel beeldmateriaal thuis gekomen zijn, ook al is de PowerShot SX720 ‘slechts’ een compactcamera zonder RAW. We zijn benieuwd wat jij van de bovenstaande foto’s vindt en of jij je vakantiefoto’s maakt in RAW of in JPEG. Laat het ons hieronder weten!


  • Driemaal scheepsrechts geplaatst op zaterdag 11 juni 2016 13:38:27 door pjcdhaeze

    Van tijd tot tijd vraagt een regionale aannemer of ik recentelijk door hen voltooide bouwprojecten wil fotograferen voor hun archief of eventueel toekomstige PR-uitingen. Redelijk rechttoe, rechtaan. Onderstaande foto is daarvan een voorbeeld en iedere willekeurige toeschouwer zal er weinig bijzonders aan zien of van onder de indruk zijn. Zo’n gebouw fotografeer je snel even met je telefoon. Toch?

    Tja, wat is er moeilijk aan een gebouw fotograferen? Eigenlijk niets, maar als je als doelstelling hebt dat het een zonnig plaatje moet zijn met verzadigde kleuren en veel detail, dan wordt het een heel ander verhaal. Als je bovendien zo min mogelijk ‘rommel’ van menselijke activiteit en vooral auto’s buiten beeld wilt houden, dan wordt het wat anders. Bovenstaande foto is het resultaat van drie pogingen.

    • Poging #01
    Ik was op de terugweg van een ander project en kwam langs Hoeven, het dorp waar het bewuste inbreidingsproject was gelegen. Midden in het centrum. Schuin tegenover een vestiging van Albert Heijn. Ik had niet het idee meteen de definitieve foto’s te gaan maken, want ik had nog niet de stand van de zon vooraf onderzocht met The Photographer’s Ephemeris (klik hier) en wist dus niet wat de meest geschikte tijd voor een mooie foto zou zijn. Het was meer een verkennend bezoek. En dat bleek niet overbodig, want Hoeven is een dynamisch dorp. Dus veel voorbijgangers en vooral veel parkeerders voor de lokale supermarkt. Ook zag ik dat op de begane grond een fietsenwinkel was gevestigd, die ter promotie veel fietsen voor zijn zaak had staan.
    De zon stond op dat moment precies in het verlengde van de voorgevel. Na een half uurtje gewacht te hebben, heb ik een paar foto’s genomen, terwijl ik tevens aspirant parkeerders moest weerhouden om voor mijn gebouw te gaan staan. Bij thuiskomst waren de foto’s heel acceptabel, maar de fietsen en het niet-optimale licht deden me besluiten nog een keer terug te gaan.

    • Poging #02
    Die tweede poging liet echter nog even op zich wachten, want het weer sloeg na die eerste poging om en twee weken lang was er amper een zonnetje te zien. Laat staan om 15.00u, het moment van de ideale zonnestand. Omdat ik geen fietsen voor het gebouw wilde zien en ook geen ‘last’ wilde hebben van parkerende dorpsbewoners, had ik gekozen voor de eerstvolgende zonnige zondag. Toen deze zich aandiende, stapte ik welgemoed met camera en statief in de auto en reed naar Hoeven. Dat varkentje zou ik wel even gaan wassen. Niets was echter minder waar en de eerste verontrustende voortekenen deden zich al bij het binnenrijden van het dorp aan: oranje vlaggetjes en in de verte muziek. En jawel. Aangekomen op de bewuste locatie fungeerde deze als aankomstplaats voor een toeristische fietstocht. De straat was vol met mensen en het pleintje voor mijn inbreidingsproject was gebombardeerd tot fietsenstalling van de deelnemers. Bovendien bleek deze vestiging van Albert Heijn ’s zondags altijd open te zijn, dus de kans op auto’s op de foto was ook nu erg groot.
    Teleurgesteld wilde ik weer naar huis afdruipen. Hoe moest dit ooit goedkomen, want volgend weekend zou het weer niet meer zonnig zijn en ik had toch aan een deadline te voldoen. In een helder moment vroeg ik me af wanneer de fietsenwinkel zijn wekelijkse vrije dag zou hebben. Het bordje op de voordeur vertelde me dat dat maandag was.

    Poging #03
    De volgende dag dus met de nodige spanning weer in de auto gesprongen op weg naar Hoeven. Zou het nu wel lukken? Toen ik aankwam stond de zon perfect, de winkel was gesloten en er stond slechts één auto voor de deur, een pakketbezorger. En die reed juist weg toen ik op de plaats des onheils mijn camera aanzette. Het geluk was aan mijn zijde. Binnen vijf minuten had ik de foto’s gemaakt die ik wilde. Helemaal perfect. Toen ik echter opkeek van het terugkijken op mijn camera, stond er al weer een grote SUV voor de deur en een tweede parkeerder diende zich reeds aan. Had ik nog een andere foto willen maken, dan was die kans dus ook nu weer verkeken.

    Ik ben dus redelijk trots op deze foto. Niemand ziet dat hij ‘bloed, zweet en tranen’ gekost heeft en dat voor een opname die geen creatieve bewondering zal krijgen van een groot publiek. Maar ik weet dat zo’n simpele foto niet echt simpel hoeft te zijn. Nogmaals werd bewezen dat architectuur een van de moeilijkste onderwerpen is in de fotografie, zeker als je de menselijk activiteit wilt buitensluiten. #respect


  • 4K en Formule 1 geplaatst op maandag 30 mei 2016 16:46:34 door pjcdhaeze

    1991. De telefoon gaat. Mijn neef uit Hogerskade. Hij wil een pc aanschaffen en vraagt mij of hij een harde schijf van 100 of 200 MB moet nemen. Het prijsverschil is ruim tweehonderd gulden. Ik zeg hem dat 100 MB voldoende is, want de bestandjes van Lotus 1-2-3 en van WordPerfect 5.1 zijn zo klein, dat ie dan opslagruimte genoeg heeft.
    1999. De telefoon gaat. Mijn neef uit Hogerskade weer. Hij wil een modem kopen om te kunnen internetten. Is een 14k4 snel genoeg of moet hij toch een nieuw (en duur) 56K-model kiezen? Omdat hij toch alleen maar tekst-mail verstuurd en af en tot een simpele website bezoekt, adviseer ik hem de 14K4. Meer bandbreedte heeft hij toch niet nodig.
    2003. De telefoon gaat. En inderdaad, mijn neef uit Hogerskade. Deze keer gaat het over een digitale camera. Hij vraagt hoeveel megapixels voldoende zijn om serieus aan de slag te gaan met zijn nieuwe hobby. Ik raad hem de EOS 10D aan, want zes miljoen pixels zijn ruim voldoende om op hoge kwaliteit een A4-tje af te drukken. Groter doet hij toch niet.

    100 MB, 14K4, 6 Mp. Allemaal getallen waar we nu niet meer van onder de indruk zijn en waarbij we ondertussen gewend zijn aan veelvouden hiervan. De techniek staat voor niets en maakt het leven van de gewone consument een stuk sneller, gemakkelijker en leuker. Het geeft ook aan dat ik niet als ‘trendwatcher’ of ‘techno-visionair’ in de wieg gelegd ben. Ik heb mijn neef sinds die tijd dan ook niet over dergelijke zaken aan de lijn gehad.

    Tot vorige week. De telefoon gaat. Mijn neef uit Hogerskade. Hoe het ging? Goed. En hoe ik dacht over 4K-video? Want hij wilde een nieuwe fotocamera kopen en vroeg zich af of 4K per se nodig was? Gezien mijn slechte ‘voorspellingsgave’ vroeg ik hem of ik er even over na mocht denken en of ik hem erover terug kon bellen?

    4K. 2160p. UltraHD. Allemaal aanduidingen voor een videoformaat van ongeveer 3840 bij 2160 pixels, dus vier keer (2x2) zo groot als full-HD (1920x1080). Je ziet deze 4K-resolutie steeds vaker opduiken. Veel systeemcamera’s beschikken erover en zelfs enkele smartphones kunnen al op dit niveau filmen. Nieuwe televisies met UHD zijn al heel betaalbaar en YouTube zendt desgewenst in 2160p uit. De schrijvende pers is enthousiast en het zal niet lang meer duren of 4K wordt ‘mainstream’. Mijn advies aan neeflief zou dus een ‘no-brainer’ moeten zijn: DOEN!

    Toch heb ik deze keer weer mijn bedenkingen. En wel om de volgende redenen.
    • Doelgroep
    Volgens mij is de vrijetijdsfotograaf niet echt de doelgroep voor het opnemen van video, laat staan in 4K. We hebben een poll op EOSzine en daaruit blijkt dat 70% van de 1000 respondenten de filmfunctie van hun EOS nooit gebruikt. Van de 30% die dat wel doen, is maar de helft redelijk serieus met video bezig, want die monteert zijn clips ook. En een klein deel daarvan zal pas echt behoefte hebben aan 4K en dat zal de 5% waarschijnlijk niet overschrijden.
    Publicatiemedium
    Als je video opneemt in 4K, dan registreer je meer detail (mits de lens dat toelaat) en zal de video scherper zijn. Leuk, maar wanneer zien we dat dan? Niet als je op drie meter van een televisie zit. En ook niet op een monitor, tablet of telefoon. Deze beeldschermen hebben een relatief kleine diameter en een resolutie hoger dan full HD voegt niets toe. Zelfs niet als je er met je neus bovenop zit. Het is bovendien zo dat de bandbreedte van video automatisch wordt geknepen als je op een mobiel apparaat kijkt. Op mijn telefoon kan ik video van YouTube niet hoger zien dan 480p (480 x 853) en dan is het beeld toch scherp. Opnemen in 4K heeft wel als praktisch voordeel dat bij verkleining tot 1080p, het beeld scherper is dan bij direct opnemen in full HD, maar dan moet je dus wel van dichtbij kijken. Een ander voordeel is dat je video kunt croppen tot 1080p (‘digitaal inzoomen’), zonder dat dit kwaliteitsverlies geeft. En je kunt er foto’s van 8 Mp uithalen.
    Beeldkwaliteit
    Kies je desondanks toch voor 4K - en dus voor de hoogste videokwaliteit - dan heeft dat alleen maar zin als je een video-opslagformaat kiest met weinig compressie en bijvoorkeur 8- tot 10-bits, 4:2:2. Alle apparaten die 4K opnemen naar een ‘gewone’ SD-kaart, produceren eigenlijk een soort JPEG’s die flink gecomprimeerd zijn en dus van lage kwaliteit. Wil je dat nog eens gaan bewerken, dan blijft er weinig van de 4K-kwaliteit over. Wil je maximaal rendement van 4K, dan moet je dus met een externe recorder werken of de camera moet een interne high-speed interface hebben, zoals de CFast-kaarten die we vinden in de XC10 en EOS 1DX mark II van Canon. Dat is nog best bijzondere hardware en wil je bovendien met deze grote datastroom goed uit de voeten kunnen, dan heb je ook een high-end computer nodig met veel rekenkracht en snelle opslag. Op die computer moet je dan bovendien software hebben die met 4K overweg kan en zul je kennis moeten hebben van ‘grading’ en ‘profiling’.

    En als je als vrijetijdsfotograaf nu nog steeds denkt dat 4K iets voor jou is, dan moet je ook meteen investeren in goed geluid. Want goede video met slecht geluid is toch een slechte film. Dus dat betekent een pro-grade microfoon, een externe geluidsrecorder en kennis van audio-editing. Een vak apart.

    Als je wel iets met video hebt, maar 4K een stap te ver vindt, probeer dan eens op hogere kwaliteit met 1080p te filmen. Koop een statief en externe microfoon. Kies een beeldstijl met plat profiel (laag contrast, verminderde verzadiging) en werk vanuit een storyboard. Zorg dat de videocompressie laag is en probeer te filmen met 60 fps, zodat bewegend beeld vloeiender is en je ook slow motion kunt toepassen. Monteer alles in iMovie of Première Elements en render het eindproduct op hoge kwaliteit.

    Samenvatting
    Zet je al deze facetten op een rijtje en pas je dit toe op de doelgroep vrijetijdsfotograaf, dan is het anno 2016 misschien 1 op de 1000 personen, voor wie 4K echt interessant is. En die persoon is zeker niet mijn neef uit Hogerskade. Hij is sinds de EOS 10D een verdienstelijke fotograaf geworden, maar video - en dan ook nog eens in 4K - is duidelijk niet zijn ding. Ik heb hem teruggebeld en met bovenstaande argumenten mijn advies toegelicht: kies een camerasysteem (dus ook de lenzen) waarmee je mooie foto’s kunt maken en laat 4K geen dealbreaker zijn. Op dit moment is 4K een leuke optie op een consumenten systeemcamera, maar meer ook niet. Het zal nog enkele jaren duren voordat 4K-video echt nuttig wordt voor de vrijetijdsfofograaf, waarvan overigens een groot deel NOOIT met video aan de slag zal gaan, want fotografie is toch iets heel anders dan videografie.

    Vergelijk 4K-video met Formule 1. Het krijgt veel media-aandacht en laat fabelachtige motor- en racetechniek zien, maar omdat een ‘woon-werk’-automoblist geen F1-coureur is en het Nederlandse wegennet geen racecircuit, gaan we toch niet allemaal een F1-wagen kopen om er uiteindelijk maar 120 km/h mee te gaan rijden.

    P.S. Ik ben benieuwd of mijn neef uit Hogerskade mij ooit nog zal bellen, want ook op het punt van 4K ben ik waarschijnlijk geen helderziende. Of deze keer toch wel.......


  • Vakantie zonder RAW (deel 1) geplaatst op dinsdag 10 mei 2016 13:52:46 door pjcdhaeze

    Elk jaar wil ik mijn zomervakantie tot een foto-uitdaging te maken. Vroeger betekende dat dat ik het mezelf elke keer moeilijker probeerde te maken, met een steeds grotere fototas als gevolg. Vorig jaar heb ik die trend een halt toegeroepen om na ampel beraad ‘alleen’ een PowerShot G7X mee te nemen (klik hier). Lekker lichtbepakt gewoon in mijn jaszak of ruime broekzak.
    Mijn ervaringen waren positief en ook mijn foto’s konden de toets der kritiek prima doorstaan (klik hier). Stiekem wist ik dat bij vertrek al wel, want de PowerShot G7X is een schitterende camera met een fantastische lichtsterke lens, veel controle over de instellingen, uitstekende video en - niet te vergeten - RAW. En bij dat laatste ligt de uitdaging van dit jaar: een vakantie zonder RAW.

    PowerShot superzooms
    Je zult je afvragen hoe ik als trouwe, verstokte EOS-RAW-fotograaf op zo’n idee kom: een compactcamera mee op vakantie zonder RAW met alleen JPEG. Belangrijkste reden is dat ik tijdens de reviews van de laatste serie superzoomcamera’s in de PowerShot SX-serie (SX420, SX540 en SX720) behoorlijk onder de indruk ben geraakt van de prestaties van deze alleskunnertjes. Met een brandpuntbereik van 24 tot circa 1000mm (met macro en full-HD) kun je echt alle onderwerpen bijzonder in beeld brengen, wat soms zelfs niet lukt met bijvoorbeeld een EOS 1D X mark II met een EF 800m f/5.6. En dat allemaal in handtas- of broekzakformaat en voor nog geen 350 euro. Als je kijkt naar de foto’s die ik met deze camera’s gemaakt hebt tijdens deze reviews, dan maak je met goede lichtomstandigheden foto’s, die met de ‘regel van ¼’ (klik hier) vaak niet te onderscheiden zijn van een EOS-opname.

    Dus toen de vakantie naar Italië besproken was en de vraag rees welke camera er in de koffer mee moest, stak het idee van de superzoomcompact de kop op. En het verdween ook niet meer uit mijn hoofd. Zou ik op vakantie kunnen zonder dat ik met RAW-foto’s thuiskom? Hoe zit het dan met het overbruggen van hoog contrast (dynamisch bereik) en met het finetunen van de juiste witbalans? Daarin blinkt RAW toch uit? Als ik eerlijk ben, heb ik vorig jaar met de RAW-foto’s van de PowerShot G7X eigenlijk niet echt veel hoeven optimaliseren in Lightroom. Compactcamera’s ‘zien’ tegenwoordig steeds beter de belichting, die ik desgewenst kan corrigeren en kiezen ook de kleurtemperatuur heel nauwkeurig. Vaak is het aanpassen van een foto niet meer dan het bijsnijden van het kader, het wegpoetsen van een paaltje of takje, het iets verhelderen van een schaduw en het naar smaak maken van de kleuren. In al die gevallen lukt dat prima zonder RAW. En kom ik ter plekke echt in de ‘problemen’ door hoog contrast of weinig licht, dan kan ik met een belichtingtrapje of lange sluitertijd vanaf een tafelstatief toch nog veel schade voorkomen. Dus het moet er maar van komen. Dit jaar gaat de PowerShot SX720 (USP: broekzakformaat) als enige fotogereedschap mee naar Italië. Spannend.

    PowerShot SX60
    In het rijtje van superzooms ontbreekt de PowerShot SX60 uit 2014 (klik hier). Met een zoombereik van 21 naar 1265mm, kantel-draaischerm én RAW is dit op papier een nog betere keuze dan de SX720. Bovendien kost hij momenteel nog maar 390 euro. Ik heb de camera nog een keer in de studio gehad en gemerkt dat het formaat richting een EOS 1300D gaat en - belangrijker - dat RAW niet veel toevoegt in beeldkwaliteit van zo’n kleine sensor (lees: kleine pixels). De verschillen tussen een JPEG direct uit de camera en een opgepoetste RAW uit Lightroom zijn slechts in 5% van de gevallen significant. Een marge die niet opweegt tegen het grote formaat. Ook is de SX720 een stuk ‘alerter’ dan zijn oude, grotere broer en dat is niet onbelangrijk als je op 'reis'-reportage bent.

    P.S. Op moment van schrijven (begin mei 2016) is de onzekerheid van bovenstaande keuze nog behoorlijk groot. Over twee maanden hoef ik echter pas echt te beslissen en voor een goede nachtrust tot die tijd, houd ik mezelf voor dat ik een dik vest thuislaat en daarvoor in de plaats toch stiekem een EOS M3 met EF-M 11-22mm en EF-M 18-55mm in mijn koffer stop. Niet verder vertellen......


  • De 'schaduwzijde' van de EOS 80D geplaatst op vrijdag 22 april 2016 09:16:02 door pjcdhaeze

    Dit is mijn eerste vlog (video blog), want soms zegt een clipje meer dan duizend foto's (met evenzoveel woorden).
    In de meeste vlogs op YouTube staat de maker in de spotlights, maar - vrees niet - in deze vlog blijf ik volledig buiten beeld en krijgt u ook geen 'kijkje in de keuken' van mijn dagelijkse reilen en zeilen. Gelukkig maar. Want dat is helemaal niet interessant. Toch?

    Waarom dan toch een vlogje in plaats van een lang verhaal met veel foto's? Omdat je het fenomeen van het verhelderen van een schaduw van een RAW-opname gemaakt met de EOS 80D met eigen ogen moet zien. Ik kreeg kippenvel toen ik dit zelf voor de eerste keer in Lightroom zag en hopelijk krijg jij dat ook. Wow! (klik op animatie of klik hier)

     


  • De laatste foto geplaatst op zaterdag 9 april 2016 11:58:24 door pjcdhaeze

    Een onderwerp dat in de fotografie maar zelden aan bod komt is de dood. We praten er liever niet over, laat staan dat we het in beeld willen brengen. Toch worden we er op een dag allemaal mee geconfronteerd als een dierbare komt te overlijden.

    Als 55+-er is me dat de laatste jaren regelmatig overkomen. Ooms en tantes die vaak op een gezegende leeftijd van 80 jaar of ouder het aardse voor het eeuwige verruilen. Veelal wordt dit ontijdige nieuws telefonisch door een neef of nicht overgebracht, waarbij het gesprek bijna altijd afgesloten wordt met de vraag of ik een foto van de overledene zou willen bewerken voor op een bidprentje. Ik ben altijd blij dat ik een bijdrage kan leveren in deze moeilijke tijden, maar ben meestal minder verheugd als de betreffende foto wordt toegestuurd. Bijna zonder uitzondering is het een foto gemaakt met een telefoon, waarbij het niet de initiële opzet geweest is om de persoon in kwestie flatteus in beeld te brengen. Sterk tegenlicht, zeer onrustige achtergrond, weinig licht, winterkleding (jas/das/hoed/pet), zonnebril, ogen half dicht. En zo kan ik nog wel even doorgaan. Hoewel de familie altijd tevreden is met het resultaat van mijn bewerkingen en het kleine printformaat heel vergevingsgezind is ten aanzien van ruis en onscherpte, leidt het bij mij elke keer weer tot de overpeinzing waarom we zelden tot nooit een echt goede portretfoto hebben van onze naaste dierbaren.

    Ik ga hier niet het antwoord geven op die vraag. Maar wat ik wel wil doen is om iedereen die een systeemcamera heeft op te roepen om jaarlijks bij een verjaardag, op vakantie of met Kerstmis foto’s te maken van de betreffende aanwezigen met het doel die personen flatteus te portretteren. Als groep of individueel. Niet met de gedachte voor bidprentjes, maar gewoon omdat een mooie portretfoto altijd welkom is. Als profielfoto op social media, als achtergrond op je telefoon of als onderdeel van de familiefotomuur in de hal of woonkamer. Hopelijk komen de betrokken modellen nog vele jaren voor de lens, maar mocht het onvermijdelijke moment dan toch een keer aangebroken zijn, dan is er in ieder geval een goede – en relatief recente – portretfoto, die de nagedachtenis aan deze dierbare nog jaren levend kan houden.

    TIPS
    • Neem even de tijd, maar houdt het spontaan
    • Gebruik een langer brandpunt van 50 tot 200mm
    • Kies een diafragma van f/4 of groter, sluitertijd niet langer dan 1/60s en Auto ISO
    • Zoek daglicht in de vorm van een vensterraam
    • Plaats het model schuin op de richting van het licht
    • Zoek of maak een rustige achtergrond
    • Flits - indien nodig - bij voorkeur indirect of, nog beter, off-camera


  • Mijn eigen supermodel geplaatst op woensdag 23 maart 2016 14:47:08 door pjcdhaeze

    Al jaren koester ik de wens om nog eens een boek te schrijven over portretfotografie. Niet om te laten zien hoe ‘goed’ ik ben als fotograaf of om de mooiste modellen, styling of visagie de revue te laten passeren, maar omdat ik de lezer met een paar simpele aandachtspunten de belangrijkste ‘missers’ wil laten voorkomen. Niet alleen voor de vrijetijdsfotograaf, maar voor iedereen met een camera of telefoon die wel eens een mens op de foto zet. Van selfie tot profielfoto. Van candid tot staatsieportret. Dus geen headshots met een groothoek, geen lantaarnpalen uit hoofden, geen afgesneden voeten, geen onnodig tegenlicht, geen rode ogen.

    Ik hoor je nu denken: ‘waarom doe je dat dan niet’. En dat is ook iets wat ik mezelf een tijdlang heb afgevraagd. De theorie is geen enkel probleem en staat al enige tijd op papier. Ook de inspirerende portfolio’s van pro-fotografen liggen al klaar. Dus waar wacht ik nog op?

    Het heikele punt van een dergelijk educatief portretboek is het duidelijk laten zien van de kleine verschillen in belichting en het effect van een kleine aanpassing in richting, verdeling en reflectie op het contrast en de diepte in het gezicht en de lichaamshouding. We zijn daartoe een keer met een model aan de slag gegaan en hoewel we op een prachtige locatie zaten met alle denkbare middelen, lukte het niet om die specifieke educatieve foto’s te maken. Je bent met een menselijk model toch vooral bezig om een mooi beeld te maken en niet zozeer een educatieve foto. En hoewel het model haar uiterste best deed om neutraal te kijken, wordt de aandacht van de kijker toch eerst getrokken door de kleine nuances van de uitdrukking van haar gezicht. Dat zijn soms bijna onzichtbare verschillen, maar ze zijn er wel en claimen aandacht. Die aandacht moet voor dit boek echter 100% uitgaan naar de belichting van het portret. Welke delen zijn helder en welke zitten in de schaduw? Hoe verandert dit bij een subtiele wijziging in de stand van een flitser, van een reflectiescherm of van het invullicht? En ga zo maar door.

    Dus na die sessie is de voortgang van het portretboek - met grote tegenzin - weer op hold gezet. Tot ik op een avond met de hond een rondje door de binnenstad liep en mijn oog viel op een etalagepop van een modewinkel. Ik zag de lichtverdeling op haar gezicht en wist precies wat voor soort licht erop stond. Alle facetten van licht/donker, contrast en diepte waren op deze pop zichtbaar. Het drong nog niet meteen tot me door dat dit de mogelijke oplossing was van mijn ‘portretboek’- probleem, maar toen ik een paar weken later weer voorbij kwam en ze weer onder een ander licht zag, toen wist ik het. Deze pop moest mijn educatieve portretmodel worden.

    Het duurde nog enkele weken voor ik de moed verzameld had om in de winkel te gaan vragen of ik de etalagepop in bruikleen kon krijgen. Want ook al heb je als fotograaf misschien een legitieme reden om een dergelijk vraag te stellen, ik voelde me er niet helemaal gemakkelijk bij. Tot mijn grote verrassing was de bedrijfsleidster meteen erg enthousiast en ze bood me zelfs aan de pop te kopen. Ze waren toch net bezig met aanpassingen van huisstijl en er zouden verschillende poppen beschikbaar komen. De overdracht was snel beklonken en een paar dagen later liep ik zielsgelukkig - maar wel enigszins ongemakkelijk - met een etalagepop over straat. Nadat ik haar in de studio snel in elkaar gezet had en de kledingkast van mijn vrouw geplunderd had, stond een uurtje later mijn eigen supermodel geduldig klaar voor wat zou komen gaan: educatieve portretsessies. Dodelijk saai - en welhaast onmogelijk - voor een levend model, maar onze pop hoor je niet klagen en ook de man achter de camera voelt zich niet bezwaard als hij een foto nog een paar keer opnieuw moet maken. Heerlijk.

    Hierboven een eerste voorbeeld van een opnamereeks die de invloed van de stand van de flitser (of ander gebundeld licht) op het gezicht moet illustreren. Duidelijk of niet? Laat het me weten en misschien zie je deze illustratie nog wel eens een keer terug in mijn eigen portretboek.

    Pieter Dhaeze


  • De trein gemist geplaatst op vrijdag 19 februari 2016 07:31:34 door pjcdhaeze

    Vanaf mijn twintigste heb ik me ruim drie decennia lang bevoorrecht gevoeld om deel uit te mogen maken van mijn generatie (1955-1965). Mijn afstuderen heb ik gedaan op een Commodore64, mijn eindrapportage getikt op een elektrische IBM-machine met zo’n draaiend letterbolletje met ingebouwde correctietoets, voor het eerst verbonden met internet na het inbelgeluid van mijn 14k4 modem, in 1995 mijn eerste digitale camera (640x480) gekocht en op tijd ingestapt met Photoshop, Lightroom, een mobiele telefoon en een tablet. Als techneut ben ik duidelijk een ‘early adopter’

    Het laatste jaar begint dat gelukzalige gevoel echter kleine barstjes te vertonen. Is dat omdat ik opa ben geworden of omdat mijn haar dunner begint te worden? Ik weet het niet, maar feit is dat ik de sneltrein van de ‘social media’ heb gemist. Even dacht ik nog dat ik op tijd aangehaakt had door op Twitter en YouTube actief te zijn. Maar na een inspirerende en gloedvolle lezing van Kirsten Jassies (JustK.nl) tijdens de presentatie van de EOS 80D en PowerShot G7X mark II, weet ik echter dat de wereld van Snapchat, Periscoop, Instagram, Pinterest, vlogging en al hun apps en activiteiten mijlenver van mijn ‘comfort zone’ staat. Zelfs op Facebook weet ik mij geen raad.

    Dat is redelijk ontnuchterend. Eerst het idee hebben dat je midden in het leven staat en na een uurtje Kirsten weet ik dat ik nog slechts een plaatsje aan de zijlijn heb. Daar zou ik misschien wel heel hypochondrisch over kunnen doen en me afvragen wat er van de jeugd van tegenwoordig terecht moet komen, maar dan doe ik niets anders dan mijn vader. Die vroeg zich in de jaren zeventig ook af wat er van zijn langharige, studerende (=feestende) zoon terecht moest komen. Omdat ik denk dat het met mij wel goedgekomen is, bezie ik de wereld van de snelle en vluchtige ‘social media’ daarom vol interesse. Ook de jongelui die vandaag de dag haast vergroeid zijn met hun telefoon en van wie de meeste vrienden een profielfoto met nickname zijn, zullen op hun pootjes terecht komen. Anders dan wij in mijn generatie weliswaar, maar precies zoals wij verschilden van de generatie voor ons. Dat noemen we evolutie en volgens mij is dat de basis van het voortbestaan van de mensheid.

    Waar het naartoe gaat, weet ik niet en kan ik me ook niet voorstellen, maar het zal zeker allemaal goedkomen. Onder het motto ‘behoud het goede, omarm het nieuwe’ ga ik vannacht met een gerust hart slapen. Ik zal geen nachtmerries hebben van ‘Kirstens-wereld’, maar er hooguit vol verwondering (en ook bewondering) van dagdromen. En morgen zie ik onze kleindochter weer. Dat is mijn nieuwe wereld. Heerlijk.

    Pieter

    P.S. Bijna vergeten. De Canon EOS 80D is weer een prachtige camera, vooral voor de niet-’snappende’ (Ne/En) vrijetijdsfotograaf.

    Kirstin JassiesLinkedInFacebookTwitterInstagram • Snapchat • Pinterest


  • Lichtmeter | Déjà vu geplaatst op vrijdag 22 januari 2016 14:48:34 door pjcdhaeze

    Laatst moest ik in mijn fotokast op zoek naar een losse tussenring. Met enige moeite - ik gebruik hem namelijk niet elke dag - had ik die uiteindelijk gevonden. Tijdens deze ‘zoektocht’ stuitte ik op een heel ander (en vergeten) accessoire: mijn lichtmeter. Toen ik hem aanzette, gaf hij geen teken van leven meer. Een lege batterij. Ik had hem eerst terug willen leggen, maar omdat ik toch even naar zijn batterij moest kijken, heb ik er na al die jaren weer eens mee zitten spelen.
    Ik heb hem een jaar of tien geleden gelijktijdig aangeschaft met mijn Elinchrome flitsset, waarbij ik hem in het begin redelijk vaak gebruikt heb in mijn studio. Ook kwam hij van pas bij continu-lichtopstellingen voor de productfoto’s, die ik onder andere maak voor EOSzine en mijn boeken.

    Het is toch bijzonder om te zien dat ik hem nu al vele jaren niet meer gebruikt heb en ook zijn bestaan bijna vergeten was. Waarom is de lichtmeter eigenlijk in ongerede geraakt?
    In de studio ben ik niet hele dagen bezig met uitvoerige portretfotografie. Bovendien ben ik niet steeds uitgebreid aan het experimenteren. Ik heb een paar verschillende flits-opstellingen, waarmee ik prima verschillende soorten portretten kan maken. Nadat ik die een paar keer gebruikt had en gemeten met mijn lichtmeter, wist ik op een zeker moment elke setup zonder meter in te stellen.
    Dat is ook het geval geweest met mijn productfoto’s. De eerste paar keer heb ik de lichtmeter gebruikt, daarna wist ik blindelings hoe de instellingen van camera en licht waren. Kleine variaties los ik zowel bij portretten als producten op door een paar testfoto’s te maken. De lichtmeter heeft destijds zeker zijn nut bewezen, maar is gezien de bekendheid met mijn eigen lichtomstandigheden overbodig geworden.

    Nadat ik de batterij had opgeladen en teruggeplaatst, was de lichtmeter weer ready-to-go. Hij werkte nog steeds als vanouds en zou zo weer in de studio zijn diensten kunnen bewijzen. Omdat dat bij mij dus passé is, heb ik de lichtmeter even het veld mee ingenomen. Gewoon buiten. Misschien zou hij daar nog van nut kunnen zijn.
    Helaas. Een lichtmeter werkt het beste met opvallend licht en buiten voor architectuur en landschap werk je bijna altijd met gereflecteerd licht. En daarbij is de interne lichtmeter van de camera duidelijk in het voordeel, omdat hij precies de helderheid in het kader kan meten. Als je inzoomt op een gebouw, dan ziet de lichtmeting van de camera letterlijk het tegenlicht niet en wordt daardoor dus ook niet misleid. Bovendien fotografeer ik bij wisselend licht en veranderende onderwerpen altijd in RAW en in de Av-stand met Meervlaksmeting, waarbij ik bij heldere onderwerpen (of tegen-licht/lucht) een stopje overbelicht en bij donkere onderwerpen een negatieve belichtingscompensatie gebruik. De belichting van mijn foto’s is zo voor 95% in orde en die laatste 5% kan ik eventueel corrigeren in Lightroom. Ook binnen in het theater werkt deze aanpak prima. Het draaien aan wieltjes is zo te een minimum beperkt, ik hoef me niet druk te maken om de techniek en ik kan al mijn aandacht besteden aan kadering en timing.
    Op het moment dat het onderwerp echter buiten weer binnen ‘handbereik’ komt, zoals bij natuur- en macrofotografie, dan wordt de inzetbaarheid van een lichtmeter weer zinvol. Je kunt dan opvallend licht meten en de instellingen worden niet misleidt door de helderheid of de schittering van het onderwerp. Zaken die de interne lichtmeting dan ‘onverwacht’ op het verkeerde been kunnen zetten.

    De lichtmeter ligt weer op terug op zijn oude stek. Waarschijnlijk zal hij weer in de vergetelheid raken. En als ik hem over een paar jaar tijdens een zoekactie weer tegenkom, dan zal ik ongetwijfeld met weemoed terugdenken aan zijn vroegere inzetbaarheid, om hem - na een kort praktijkrondje buiten - weer terug op te bergen. L’histoire ce répète.

    Heb jij andere of betere ervaringen met een losse lichtmeter, laat het me dan weten. Dan kan ik hem voortaan misschien toch weer standaard in mijn cameratas meenemen.


  • Jaarbespiegeling 2015-2016 geplaatst op donderdag 31 december 2015 09:57:22 door pjcdhaeze

    Deze jaarwisseling is een goed moment om eens terug te blikken op het fotojaar 2015 van Canon en EOSZine.

    Als ik de lange lijst van persberichten van Canon in 2015 (klik hier) eens doorsnuffel, dan is er dit jaar veel moois verschenen voor de EOS-fotograaf. Een kort overzicht:
    • Zes nieuwe EOS-camera’s: EOS 5Ds, EOS 5DsR, EOS 750D, EOS 760D, EOS M3, EOS M10
    • Drie nieuwe PowerShots: G3X, G5X en G9X
    • Drie nieuwe EF-lenzen: EF 11-24mm 4L, EF 50mm 1.8 STM, EF 35mm 1.4L II
    • Een nieuwe flitser: Speedlite 430EX III-RT
    • Een 4K-camcorder: XC10
    • Een A2+ fotoprinter: imagePROGRAF Pro1000
    • Drie mijlpalen: 10 jaar EOS 5D-serie, 80 miljoen EOS-camera’s en 110 miljoen EF-lenzen.
    Voor mij persoonlijk zijn in deze lijst de EOS 5Ds(R) met 50 miljoen pixels, de prijs/kwaliteit van de EF 50mm 1.8 STM en de kennismaking met de XC10 en 4K-video, opvallende en welkome introducties. Ze worden echter overschaduwd door mijn enthousiasme voor de PowerShot G5X (klik hier). Zoals je weet ben ik erg blij met ’Large sensor’-compact (lees mijn blogs: klik hier en hier), die de heuse combinatie is van hoge beeldkwaliteit en jaszakformaat in tegenstelling tot de systeemcompactcamera’s. Die zijn vooral meer van hetzelfde en vragen uiteindelijk toch om een cameratas. De G5X maakt de G7X compleet met een kanteldraai-touchscreen, een flitsschoen en een hoogwaardige EVF. In combinatie met een echte EOS, breng je met een G5X - de ideale reportage- en reiscamera - elke fotosituatie tot een goed einde.
    Mijn wensenlijstje voor 2016? Als ik er echt praktisch over nadenk, zijn er op dit moment geen fotosituaties die ik met het bestaande Canon-aanbod niet zou kunnen ‘tacklen’. Voor alle omstandigheden heeft Canon wel de geschikte camera, de juiste lens of noodzakelijke accessoire. Natuurlijk zou ik ook wel één camera willen die én compact is én makkelijk te bedienen én een volbeedsensor heeft met de hoogste resolutie én ruisvrije ISO’s van 102.400 én 25 beelden per seconde schiet op volle resolutie én die volledig stil is én betaalbaar én én én, maar die zal nooit bestaan. Of lenzen die én klein zijn én lichtsterk én voordelig. Als fotograaf zul je moeten kiezen. Dat zal na 2016 niet anders zijn. Als we toch even in de glazen bol kijken - ik weet net zo weinig als elke EOSzine-lezer - dan zou het mogelijk zijn dat de EOS 1DX (oktober 2011) en de EOS 5D mark III (maart 2012) aan vervanging toe zijn. Ook de EOS 6D (september 2012) en de EOS 70D (juli 2013) zijn al wat ‘ouder’. Wat we missen in het Canon-lijstje van 2015 is een serie lichtsterke EF-M pancake-lenzen, zodat de kwaliteiten van de EOS M-serie beter tot hun recht zouden komen. Andere lenzen die aan ‘vervanging’ toe zijn zouden de EF 50mm 1.4 (1993) kunnen zijn en misschien de EF 16-35mm 2.8L II, die nu concurrentie ondervindt van de fabuleuze EF 16-35mm 4L IS (klik hier). Voor mij persoonlijk zou de EF-S 15-85mm (vergeten all-round lens voor APS-C, klik hier) in een nieuw jasje gestoken mogen worden met een vast diafragma van f/4 en met STM (beide voor video).
    Wil je zelf eens mijmeren over nieuwe camera’s en lenzen en wegdromen bij de geruchten op internet, google dan eens ‘canon 2016’ en je weet ‘alles’ over Canon in 2016 ;-)

    Wat EOSzine betreft is 2015 een jaar geweest waarin ik de publicatie van reviews en educatieve artikelen heb voortgezet, zoals ik dat januari 2009 begonnen ben. Opvallend is dat ik daarbij steeds meer video gebruik, want een foto zegt meer dan duizend woorden, maar video zegt soms meer dan duizend foto’s. Het video-kanaal van EOSzine (klik hier) mag zich dan ook verheugen op een toenemend aantal abonnees en laatst is de 1200-grens overschreden. Bedankt. Ook heb ik meer aandacht gegeven aan Twitter (klik hier), niet zozeer in het aantal tweets, maar vooral kwalitatief met meer beeld. Behalve via reviews en artikelen heeft EOSzine ook iets te vertellen via zijn bloggers (klik hier). Johan, bas, Tony en Rob laten je regelmatig in hun fotografische keuken kijken en inspireren je met prachtige foto’s. we zijn ook op zoek naar gastbloggers. Heb jij iets leuks te delen in woord en beeld? Laat het dan weten (klik hier).
    De social media (YouTube en Twitter) en onze blogs wil ik in 2016 nog meer onder de aandacht van de EOSziner brengen, zodat er meer interactie ontstaat en we meer van elkaar kunnen leren. Ook zal video onverminderd een rol blijven spelen in onze communicatie.

    Voor mij persoonlijk was 2015 een mooi fotojaar. Ik heb de ‘large sensor’-compact ontdekt. De PowerShots G3X, G5X en G7X zijn topcamera’s voor uitstapjes, vakanties en reportages. Ook heb ik anderhalve maand met een EOS 5DsR en een spiegelloze systeemcamera met volbeeldsensor van 40+ Mp kunnen fotograferen, zodat ik spiegelloos in de praktijk heb kunnen beleven en alle ‘hosanna’-verhalen van internet zelf kon ervaren. En dan blijkt dat al die ophef reuze meevalt. De commotie is vooral gebaseerd op theoretische metingen en spec-beschouwingen en zelden op algemeen praktisch gebruik. De betreffende spiegelloze camera had in RAW-beeldkwaliteit uiteindelijk weinig echte voordelen, die alleen maar tot uiting kwamen op 100% in Photoshop en die niet opwogen tegen de beperkte lensbeschikbaarheid, de ‘onhandige’ ergonomie en onpraktische bediening. Alle drie punten waardoor je fotomomenten kunt missen, die je met een EOS 5DsR wel kunt vastleggen, want soms is bediening belangrijker dan beeldkwaliteit. Pluspunten van de spiegelloze camera waren wel de mogelijkheid om volledig stil te fotograferen en zijn in-camera beeldstabilisatie. Niet voor lange brandpunten, maar voor alles rond een brandpunt van 50mm. Na deze vergelijkende ‘praktijktest’ is mijn gemoed weer gerustgesteld en weet ik dat mijn EOS-spiegelreflex met EF-lenzen voor mij nog steeds het perfecte gereedschap is.

    Ik bedank alle EOSziners voor de aandacht in 2015 en wens iedereen een fotogeniek 2016. Blijf EOSzine volgen.

    Pieter Dhaeze


  • iPad als beeldschermreferentie geplaatst op maandag 7 december 2015 17:59:13 door pjcdhaeze

    Laatst had ik een opdracht om interieurfoto's te maken van de nieuwbouw van een plaatselijk bedrijf. Een uitdagende opdracht met veel fysieke diepte, hoge contrasten en zelfs menglicht. Gewapend met camera, lenzen, een stabiel statief en afstandsbediening ben ik in RAW aan de slag gegaan met zowel belichtings- als scherpsteltrapjes. Na montages in Lightroom en Photoshop vond ik het eindresultaat zelf prima in orde. Op mijn gekalibreerde EIZO-scherm waren helderheid en kleuren perfect en ik leverde vol vertrouwen mijn werk af.

    Toen ik een paar dagen later de klant aan de telefoon had, waren ze wel tevreden over de foto's, maar vonden de opnames eigenlijk te helder. Meteen heb ik in de studio nogmaals het histogram in Photoshop gecheckt en kon daar geen 'fouten' in ontdekken. Toen ik vroeg op welk beeldscherm ze de foto's bekeken hadden, bleek dat de desktopmonitor (TN-panel) bij de receptie geweest te zijn. En toen ik ter plekke polshoogte kwam nemen, zag ik dat dat beeldscherm veel te 'enthousiast' was ingesteld (hoge helderheid en contrast) met als gevolg een lekker pittig plaatje en ook dat ze de foto's bekeken vanuit Verkenner (niet onder kleurbeheer). Normaal gesproken is dat niet zo'n probleem, maar als foto's heel kritisch zijn belicht, zoals bij het betreffende interieur, dan wordt het snel te helder.

    Ik stelde de klant voor om bij kritisch fotowerk, de foto's voortaan op een iPad te beoordelen. Het (retina)scherm heeft een hoogwaardig IPS-panel en overtreft daarmee menig desktopmonitor in contrastbereik en kleurweergave. We hebben dat even getest en onze grijsverloopbalk laat alle gradaties keurig neutraal zien en ook in de hooglichten en in de schaduwen zijn de verschillende grijsnuances te onderscheiden. Schotelen we een iPad de primaire kleuren voor als sRGB en als AdobeRGB, dan zie je verschil tussen de twee kleurruimtes en worden de AdobeRGB-kleuren mooi verzadigd weergegeven. Daar kunnen veel consumentenmonitors nog een puntje aan zuigen. Als de helderheid van de iPad op automatisch staat, dan heeft zelfs de hoeveelheid omgevingslicht weinig tot geen invloed op deze prima weergaveresultaten.

    30-stappenverloop 0,0,0 naar 255,255,255 primaire kleuren, geen profiel
    primaire kleuren, sRGB primaire kleuren, AdobeRGB

    Bovenstaande bestanden hebben we ook op een redelijk recente midrange smartphone bekeken en die had een soortgelijke weergave. Blijkbaar hebben moderne smartphones betere beeldschermen dan de vaak 'oude' en goedkope monitors die we aan onze computer geknoopt hebben. Tijd voor een nieuw beeldscherm?

    P.S. Weet je dat je een tablet zelfs kunt kalibreren? Klik hier.


  • Verzendkosten. JA/NEE? geplaatst op dinsdag 3 november 2015 09:20:03 door pjcdhaeze

    Donderdagmiddag. Kwart over twaalf. De voordeurbel gaat. Patrick. Onze vaste pakketbezorger. Aardige kerel, waar je de klok gelijk op kunt zetten en die ook altijd nog even tijd heeft voor een gezellig praatje. Dat ritueel speelt zich al een paar jaar aan mijn voordeur af. Online spullen kopen is vaak sneller, handiger, voordeliger dan de drukte van de stad in te moeten en met Patrick aan deur is het eigenlijk nog leuker ook.

     

    De laatste maanden is er echter iets dat aan mij is gaan knagen. Ik had online een klein accessoire gekocht voor mijn camera. Het kostte nog geen 20 euro en zou verstuurd worden als pakketje. Gratis. In eerste instantie vond ik dat vanzelfsprekend, maar toen ik met Patrick weer bij de voordeur stond, bedacht ik mij dat ik dus feitelijk niet betaal voor de prima dienst die hij elke keer weer levert. De €6,95 die verzending (excl. verpakking en handling) van een pakketje normaal gesproken kost, wordt dus eigenlijk gedeeltelijk betaald door hem! En het gaat bovendien ten koste van de marge van de cameraleverancier en van de pakketdienst, twee branches die redelijk onder druk staan.

    Waarom vinden we het dan steeds meer vanzelfsprekend dat producten gratis worden bezorgd, terwijl we er eigenlijk zo veel gemak en voordeel aan hebben? Bij online shoppen vind je áltijd het gewenste product, wordt het vaak de volgende dag al geleverd, hoef je nooit meer door de regen, kost het geen benzine of parkeergeld en - belangrijk - bespaart het heel veel tijd. En voor al dat gemak willen we dus niets betalen. Vreemd, toch? Zeker als je beseft dat onze Patrick het eerste ‘slachtoffer’ zal zijn als een pakketdienst weer moet reorganiseren of failliet gaat. Een gewone, aardige jongen, die heel erg zijn best doet voor een ‘grijpstuiver’ bij mensen thuis pakketjes af te leveren. Alleen maar omdat verzendkosten steeds meer ‘not done’ zijn.

    Hierbij dus geen oproep om als consument gratis verzendkosten te weigeren (!) of om pakketbezorgers een fooi aan de deur te geven, maar wel de vraag: wat vind jij? Doe mee aan de poll hiernaast of reageer hieronder.


  • Foto op perkament geplaatst op donderdag 17 september 2015 10:18:31 door pjcdhaeze

    Als ik in de auto onderweg ben naar een klant of een fotosessie, dan heb ik meestal Radio 1 op staan. Het is altijd verrassend om te horen welke onderwerpen er dan voorbijkomen. Deze keer viel ik midden in een gesprek, waarbij het woord foto werd genoemd. Mijn aandacht was meteen gegrepen en het bleek te gaan over de bewaarbaarheid van digitale bestanden, waaronder dus ook foto’s. Hoe konden we er als mensheid voor zorgen dat digitale informatie in woord en beeld nu - en van de afgelopen decennia - ook over honderd(en) jaren nog toegankelijk is.

    Er kwam een lange reeks van voorbeelden voorbij van verloren gegane compatibiliteit (datacassettes, zip-drives) en onvermijdelijke verouderingsrisico’s (oxidatie van DVD’s en crash van HDD’s). De onderzoeker die geïnterviewd werd, kon eigenlijk geen ‘foolproof’-methode noemen die de tand des tijds zou kunnen doorstaan en ook ons verre nageslacht in de gelegenheid zou stellen de foto’s van zijn voorvaderen nog te kunnen zien. Met enige weemoed keken de deelnemers dan ook terug op de houdbaarheid van perkament.

    Deze sombere constatering zou je als fotograaf zeer kunnen verontrusten en je doen afvragen hoe je dan wél je foto’s zo goed mogelijk moet conserveren. Gelukkig werd het gesprek afgesloten met een hoopvolle opmerking. Op de vraag hoe je het beste je foto’s kon bewaren, kon de onderzoeker eigenlijk maar één advies geven: druk je foto’s af met hoge kwaliteit supplies (fotopapier en inkt) op een fotoprinter en bewaar ze achter glas of - beter nog - in een boek.

    Een betere conclusie had ik me niet kunnen wensen. Mijn dag was weer goed en ik zeg als ‘printpromotor’ dus nu dan ook zonder enige schroom: DRUK JE FOTO’S AF!!!! En dat hoeft niet op perkament. Op Canon-papier met Canon-inkt op een Canon-printer wordt 200 jaar 100% houdbaarheid gegarandeerd en over duizend jaar zullen je foto’s waarschijnlijk nog steeds goed zichtbaar zijn. Pffff, wat een opluchting.


  • De batterij is leeg geplaatst op woensdag 2 september 2015 07:17:05 door pjcdhaeze

    De batterij is leeg.
    Met de vakantie net achter de rug zou dat een zorgwekkende constatering zijn, ware het niet dat het hier niet overdrachtelijk bedoeld is. Nee, integendeel. Ik ben barstensvol energie en ideeën uit de zomer gekomen en klaar voor een nieuw seizoen met EOSzine. Volgens mij gaan we weer een mooi fotojaar tegemoet.

    Lege batterij
    De aftrap voor dit nieuwe jaar heb ik dit keer gedaan met een collega-fotograaf. Van tijd tot tijd spreken we af in diergaarde Blijdorp in een poging om daar met verrassend gereedschap ook tot verrassende foto’s te komen. Vol trots kom ik natuurlijk altijd met een Canon-camera op de proppen en op fotografisch gebied heb ik nog maar zelden onder hoeven doen voor zijn camera-uitrusting. Het enige dat ik elke keer te horen krijg, is dat mijn camera en lenzen zo 'groot en zwaar' zijn en dat het tegenwoordig allemaal veel compacter en lichter kan.

    Ik kan hem alleen maar gelijk geven, maar om bepaald soort foto’s te maken, heb je nu eenmaal een bepaald soort camera (lees: sensor) nodig met een lichtsterke lens (lees: gewicht). Met mijn telefoon maak ik ook een prima foto van een giraf, maar die is dan verre van onderscheidend. Bovendien haakt zo’n telefoon meteen af als er minder licht is. Het is net als een gaatje boren in een betonnen muur. Je kunt denken dat dat met een handzame accuboormachine kan - want die boort toch gaatjes? -, maar uiteindelijk zul je merken dat je toch een zware klopboormachine moet gebruiken om de klus te klaren. Zo is het volgens mij ook met camera’s en lenzen.

    Om hem deze keer op gewicht af te troeven heb ik mijn EOS thuisgelaten en ben op pad gegaan met een PowerShot G3X: 1”-sensor, 20 miljoen pixels, 24-600mm en RAW (review: klik hier). Hij had voor de verandering daarentegen flink uitgepakt met een systeemcamera met extender naar een volbeeldlens van 150 tot 600mm. Om dit zoomgeweld van 300 naar 1200mm (trillingsvrij) in de hand te houden had hij zelfs een volwassen statief met swingkop bij. Het zweet stond hem op het voorhoofd nog voordat we begonnen waren, terwijl ik ontspannen mijn G3X (<750 gram) losjes in de hand meedroeg.

    Nu ben ik een groot fan van de PowerShot G7X. Tijdens mijn vakantie heeft hij mijn EOS prima vervangen (klik hier) en kon ik tijdens een wandeling van een uurtje of vijf onbekommerd fotograferen, voordat de batterij leeg was. De PowerShot G3X verbruikt echter meer stroom en dat was in Blijdorp na amper drie uurtjes al te merken aan een knipperend icoontje van de batterij. Helaas had ik geen reserve-accu meegenomen.

    Beknopte fotogalerie (gemaakt met Jalbum) van 'Blijdorp met de PowerShot G3X'. Alle foto's uit de hand en vanuit RAW ontwikkeld in Lightroom.

    Je realiseert je dat bij een EOS nooit of zelden, want een dag intensief fotograferen op één lading is dan haast vanzelfsprekend, maar een lege accu is ‘killing’ voor je fotografie. Als het accu-icoontje begint te knipperen, dan ben je bij een spiegelloze camera bang om te zoomen, om foto’s terug te kijken, om de camera uit te zetten, om te flitsen en om misschien wel net het beslissende moment te missen bij een accu-wissel. Vermoeiend en het gaat flink ten koste van je inspiratie.

    In de trein terug naar huis ging bij het terugkijken van de foto’s letterlijk het licht uit van de camera en kon ik pas later op de computer het resultaat zien van mijn middagje uit. En eerlijk gezegd was ik blij verrast. Ik voel me met een elektronische zoeker niet zo betrokken bij mijn onderwerp, voel dan een zekere vertraging en heb het idee dat ik daardoor het beslissend moment mis, maar uiteindelijk kan ik toch tevreden terugkijken op het uitstapje met de PowerShot G3X. Ik weet zeker dat ik met mijn EOS 5D3 en EF 100-400mm met nog betere foto’s thuisgekomen zou zijn, maar dan had ik toch minder ontspannen rondgelopen en gereisd en zou ik toch meer mijn schouders en armen gevoeld hebben.

    Je kunt dus lekker ontspannen en vrijblijvend fotograferen met (elektronische, spiegelloze) camera’s als de PowerShot G3X (en ook de PowerShot G7X), maar dat ontslaat je niet van de verplichting om met een volle accu op stap te gaan en minstens één volle reserve in je jaszak te hebben. De haast onbeperkte accuduur van een EOS heeft me op dat punt tot een luie fotograaf gemaakt.

    P.S. Je vraagt je nu natuurlijk af hoe het mijn collega vergaan is op deze dag. Ook hij heeft prima opnamen gemaakt, want de fotograaf maakt de foto’s, niet de camera. Hij had wel wat probleempjes met de compatibiliteit van de camera met adapter en lens en zag tevens dat je met 1200mm een overkill hebt aan zoomkracht. Met 600mm kom je in een dierentuin dichtbij genoeg en hoef je ook geen extreem korte sluitertijden te gebruiken, zodat de ISO’s laag kunnen blijven.


  • Lens(be)spiegeling geplaatst op vrijdag 7 augustus 2015 12:00:01 door pjcdhaeze

    Fotografie houdt mij bezig. Elke dag. Met veel plezier. En de laatste tijd heeft vooral lenskeuze mijn aandacht. In deze blog daarom weer een korte lensbespiegeling.

    Ik heb het nog even teruggezocht: de datum dat ik bij toeval op dpReview de foto zag van de zoon van Phil Askey gemaakt met de PowerShot G2. Het was september 2001 en ik was bezig met de vervanging van mijn Kodak DC290 Zoom. En met het zien van het detail op die foto was ik meteen verkocht. De PowerShot G2 werd mijn volgende camera en ik heb er inderdaad prachtige foto’s mee gemaakt.
    Sinds dat moment bezocht ik regelmatig de site van dpReview en ook de aanschaf van mijn eerste DSLR - de ‘good old’ EOS 10D - was gebaseerd op de voorbeeldfoto’s in de gallery van dpReview. En elke keer als er weer een ‘interessante’ camera op de markt kwam - ook van andere merken dan Canon -, keek ik eerst op dpReview naar de Review Samples, om een oordeel te vormen over die nieuwe camera.

    Met het toenemen van het aantal pixels viel het me op dat ik steeds vaker die voorbeeldfoto’s op 100% moest bekijken om kwaliteitsverschil te zien. Beeldvullend op mijn 24” beeldscherm (1920x1200 pixels) zag ik zelden nog verschil in ruis of scherpte. En toen dat het geval was, was mijns inziens de rol van de camera in de kwaliteitsbeoordeling van foto’s eigenlijk uitgespeeld. Je kunt een foto van bijvoorbeeld de EOS 5Ds wel op 100% in Photoshop of Lightroom gaan beoordelen, maar dan kijk je naar een onderwerp met een microscoop. Want hoe meer pixels een foto heeft, des te groter het vergrootglas dat door 100% Photoshop wordt vertegenwoordigd.

    EF 100mm 2.8L IS bij f/3.2 op 35 cm (EOS 70D)

    Onderscheidend beeld wordt dus niet meer bepaald door de kwaliteit van de camera. En ook alle ‘toeters-en-bellen’ die fabrikanten in nieuwe camera’s stoppen, zullen maar zelden leiden tot foto’s die je met een andere camera niet had kunnen maken. Wifi of GPS zijn leuk, maar voor een adembenemende landschapsfoto zul je toch ‘on the right time, on the right place’ moeten zijn.
    Een lens is dus veel meer bepalend voor het onderscheid van een foto. Een 180° fisheye, een 24mm tilt-shift, een 85mm 1.2, een 300mm 2.8. Dat zijn lenzen waarmee je foto’s maakt die niet ‘mainstream’ zijn, die boven de grijze middelmaat uitsteken van het standaard kitlensje.

    EF 15mm 2.8 fisheye bij f/4 (EOS 5D mark III)

    Camera’s als de Samsung NX1 en de Sony A7R II zijn typische voorbeelden van hoe belangrijk het lenzenaanbod is. Specificatiewijs zijn dit technologische hoogstandjes, maar als je er bijzondere foto’s mee wilt maken, dan ontbreken de lenzen en maak je met op papier ‘mindere’ camera’s zoals de EOS 7D mark II of EOS 6D, meer (en eenvoudiger) onderscheidende foto’s. En dat is dankzij het ongekend veelzijdige lensaanbod van Canon. In brandpuntbereik, in lichtsterkte, in prijs kent dit assortiment zijn weerga niet. Bovendien wisselen andere merken soms wel heel gemakkelijk naar een ander type lensvatting, zodat je bijvoorbeeld op je nieuwe Sony geen ‘oudere’ Sony-lenzen meer kunt gebruiken. Je hebt dan een dure adapter nodig of moet op zoek naar nieuwe lenzen, met de kans dat je die bij de volgende nieuwe camera weer niet kunt gebruiken. Mijn EF 50mm 1.4 uit 1993 (!) verleent na ruim 20 jaar nog elke dag prima diensten. Dat zul je bij andere merken niet zo gauw zien.

    Als je toch nog eens verlekkerd naar een nieuwe camera kijkt - ongeacht het merk- , ga dan eerst eens naar dpReview en kijk bij de voorbeeldfoto’s in de gallery van de betreffende camera of er een foto tussenzit die je met je eigen camera niet gemaakt zou kunnen hebben. En zie je beeldvullend toch zo’n foto, dan is het waarschijnlijk de lens die door zijn bokeh of beeldhoek het onderscheid maakt en niet de camera.
    Wil je meer onderscheidend gaan fotograferen, verzet je 'focus' dan van camera’s naar lenzen en als EOS-fotograaf heb je dan bij Canon veel te kiezen.

    Veel fotoplezier!


  • Lensverschuiving geplaatst op maandag 6 juli 2015 08:51:50 door pjcdhaeze

    In dit blogje gaan we het niet hebben over het verschuiven van lenzen in het autofocussysteem van een objectief of over de verschuiving van een macroslede ten behoeven van een focus stack. Nee. Het gaat over mijn oude, trouwe EF 24-105mm f/4 L IS USM. Het is de lens waarmee ik vanaf de eerste moment van aanschaf (zomer 2007) de meeste foto’s gemaakt heb. Volgens mijn Lightroom archief zijn 3.000 van de 20.000 opnamen gemaakt met deze lens. Prima lens dus en ik kan hem - ondanks zijn leeftijd - nog iedereen van harte aanbevelen.

    Waarom is hij dan onderwerp van gesprek? Laatst moest ik ten behoeve van actualisering van mijn verzekerde foto-apparatuur ‘al’ mijn camera’s en lenzen letterlijk op een rijtje zetten en toen zag ik dat mijn EF 24-105mm bedekt was met een laagje stof. Goh, ik had hem inderdaad al lang niet meer gebruikt. Met enige weemoed zette ik hem tussen zijn EF-broertjes en vroeg me af waarom deze ‘all-rounder’ in onbruik geraakt was.

    Na een korte overpeinzing werd me de situatie duidelijk. De EF 24-105mm lens was zowel voor zakelijke als privé-reportages mijn standaard zoomlens. Echte groothoek voor veel overzicht en een 105mm die perfect is voor een mooi portret of sfeervolle close-up. Zelfs de komst van de EF 24-70mm f/2.8 L II en later de EF 24-70mm f/4 L IS konden me niet verleiden over te stappen. Ook al omdat Lightroom de optische minderpuntjes van de EF 24-105mm (vervorming, CA) prima kan corrigeren. Dus gingen we op vakantie met het gezin, was er een feestje of moest ik een receptie vastleggen, de EF 24-105mm IS zat standaard op mijn EOS 5D (mark I, II en III)!

    Maar met de introductie van de PowerShot G7X en mijn verschoven fotografische inzichten, is de EF 24-105mm het laatste jaar niet meer actief geweest. De PowerShot G7X heeft bij familieaangelegenheden de rol van mijn EOS 5D mark III met de EF 24-105mm overgenomen en ik heb er zelfs mijn laatste vakantie mee vastgelegd (klik hier). De PowerShot is voor die ‘privé-kiekjes’ natuurlijk veel handzamer dan de EOS-EF-combi. En dankzij de lichtsterke zoomlens van de G7X - die ook van 24 mm naar 100mm zoomt - kan ik de ISO’s laag houden en kan ik spelen met scherptediepte. Met RAW heb ik bovendien alle andere kwaliteitsaspecten prima onder controle.

    Voor het ‘echte’ reportagewerk laat ik de PowerShot G7X (voorlopig nog) thuis, maar schroef ik tegenwoordig altijd een lichtsterke vastbrandpunt op mijn EOS 5D mark III. Ik weet uit ervaring steeds beter wat ik kan fotograferen met een 35, 50 of 100mm, loop tijdens een reportage rond met een vast beeldkader en weet precies wat ik fotograferen kan en wat niet. Bovendien zijn genoemde EF’s met een vast brandpunt één stop of meer lichtsterker dan de f/4 van de EF 24-105mm en dat zie je terug in beeldkwaliteit en in scherptediepte. Tijdens een sessie wissel ik hooguit één keer van brandpunt, dus ik loop ook niet voortdurend met lenzen te ‘sjouwen’.

    Mijn lensgebruik is dus duidelijk verschoven en ik signaleer die trend naar vast brandpunt ook bij fotografen in mijn omgeving. Een gezinsfotografe met veel ‘new born’ op locatie, studiowerk en bruidsreportages is sinds kort helemaal ‘verliefd’ geworden op haar EF 35mm f/2 IS (500 euro, review), EF 50mm f/1.8 STM (135 euro, review) en EF 85mm f/1.8 (350 euro, review). Optisch gezien alle drie kleine pareltjes, compact en lichtgewicht en samen nog geen 1000 euro. Dat is maar net iets duurder dan een EF 24-70mm f/4 L IS en duidelijk veel voordeliger dan een EF 24-70mm f/2.8 L II.
    Mijn EF 24-105mm f/4 L IS zal ik echter altijd trouw blijven. We hebben samen mooie momenten beleefd én vastgelegd. En als de gelegenheid zich voordoet, zal ik hem weer met veel plezier op mijn EOS 5D mark III zetten.

    Hoe is het gesteld met jouw lensgebruik? Fotografeer je ook steeds vaker met vastbrandpunt? Hoe ontwikkelt zich jouw fotografie? Laat het ons hieronder weten. We zijn reuze benieuwd.


  • Vakantie zonder EOS (2) geplaatst op zondag 10 mei 2015 11:44:12 door pjcdhaeze

    Na ampele overwegingen en een onrustige nacht, had ik in april besloten om voor een vroege zomervakantie mijn EOS-systeem thuis te laten en ’slechts’ mijn PowerShot G7X mee te nemen (klik hier). Bij terugkomst een kort ervaringsverslag.

    Alles in één
    Het idee achter deze voor mij opmerkelijke keuze was om me wat minder fotograaf te voelen. Me tijdens vakantie niet voortdurend te vermoeien met ’door een kader’ te kijken, maar gewoon te genieten met mijn ogen (en geheugen). En ook om tijdens een lange wandeling niet een grote en dure fototas mee te hoeven sjouwen.
    In beide aspecten kun je natuurlijk prima voorzien door foto’s te maken met je telefoon, maar de G7X doet dat net allemaal wat beter, dankzij RAW, 20 Mp, 1-inch sensor, 24-100mm f/1.8-2.8, Av en M, macro, 3 stops ND-filter, 1080p video 30fps.

    Het kijken
    Ondanks dat ik mijn EOS niet bij me had, ben ik wel met een fotografisch oog rond blijven lopen: bijzondere perspectieven, vormen, structuren, interessante mensen, exotische natuur, doorkijkjes. En in bijna al die gevallen kon de G7X het beeld in mijn hoofd vertalen naar de gewenste foto. Ook omdat je dankzij de relatief grote sensor en de hoge lichtsterkte van de zoomlens, kunt spelen met scherptediepte.

    Natuurlijk had ook deze 'alleskunner' zijn beperkingen:
    • Zoals kaderen in de volle zon. Je mist de optische zoeker van een DSLR.
    • Scherpstellen bij macro. De autofocus is dan niet nauwkeurig genoeg en handmatig scherpstellen te omslachtig.
    • Snelheid AF. Voor 95% van de gevallen is de autofocus van de G7X snel genoeg. Maar bij een bewegend onderwerp of een snelle reeks opnamen, mis je net het beslissende moment.
    • Zoombereik. De 24mm is prima, maar 100mm is wat aan de korte kant. We kunnen dankzij de 20Mp echter nog wel bijsnijden tot 200mm en ruim 2500 pixels overhouden. Ruim voldoende voor een A4-print of voor full-HD.
    • Filters. In een zonnig land zijn een circulair polarisatie-, grijsverloop- en ND-filter eigenlijk onmisbaar. Helaas beschik ik niet over een adapter om deze filters op de G7X te gebruiken.
    • Extra accu nodig om hele dag te kunnen fotograferen.

    De cameratas
    De PowerShot G7X is slechts 10% van het gewicht en de waarde van een volle EOS-fototas. En dat was bij deze vakantie een groot gemak en hele geruststelling. Geen enkel moment was deze camera tot last of was ik verplicht hem in het oog houden. Lekker relaxed. En omdat deze ‘compactcamera’ zo moeiteloos mee te nemen was, heb ik ook meer foto’s gemaakt dan anders. Dat is van de ene kant een voordeel, maar bij thuiskomst toch ook wat extra werk.

    Terugkijkend
    Als ik terugkijk op de fotografische kant van deze vakantie, dan was het meenemen van een ‘large sensor’-compact als de PowerShot G7X een goede keuze op basis van de resulterende foto’s. De technische kwaliteit laat niet veel te wensen over. Scherpte, kleuren, helderheid en hoge ISO's zijn prima. Zelfs de interne flits doet netjes zijn werk. Video met de G7X is uitstekend. Voor wat betreft de creativiteit zouden langere sluitertijden (>1/2s) en handmatige scherpstelling welkom geweest zijn.

    Zou ik de volgende keer weer een G7X meenemen? Ja, maar misschien zou ik dan nog eerst een EOS 700D met EF-S 18-135mm in een kleine schoudertas proberen. Met tussenring voor macro en de drie genoemde filters. Dan blijf ik toch lichtbepakt in kilo's en euro’s en kan ik me creatief nog net iets meer uitleven. Want mijn foto-oog zal ik toch nooit thuis kunnen laten.

    Van de ruim 800 RAW-opnamen in 10 dagen (reis plus vakantie), hebben 300 foto’s de selectie in Lightroom CC overleefd. Hieronder een kleine selectie van verschillende onderwerpen: landschap, close-up, macro, natuur, portret, avond, actie, indoor.


  • Vakantie zonder EOS (1) geplaatst op vrijdag 17 april 2015 08:05:30 door pjcdhaeze

    Het wordt dit jaar een bijzondere zomervakantie.
    NIET omdat we voor de eerste keer al in mei gaan.
    NIET omdat we voor het eerst zonder de kinderen gaan.
    NIET omdat we voor de eerste keer zonder de auto gaan.
    NIET omdat we voor het eerst Frankrijk letterlijk links laten liggen.
    MAAR omdat ik voor de eerste keer mijn EOS-systeem thuislaat!

    Het reisdoel is dit jaar Engeland en we verheugen ons er zeer op. Ook omdat het voor natuur- en landschapsfotografen een soort Walhalla is. Niets ten nadele van ons mooie land, maar Engeland heeft voor de plattelanders die wij zijn, veel te bieden met steile kusten, ongerepte natuurgebieden en ruige ‘bergen’.

    Aanvankelijk waren mijn fotoplannen groots en dat resulteerde in de onderstaande lijst:
    • EOS 6D met Wi-Fi en natuurlijk GPS
    • EF 16-35mm 4L IS en EF 15mm 2.8 fisheye voor landschappen, architectuur en interieurs
    • EF 50mm 1.4 voor portret- en reportagewerk en met een 25mm tussenring voor close-ups
    • EF 70-200mm 2.8L IS II met EF 1.4x III voor portret, natuur, vogels en wildlife
    • Speedlite 580 EX II
    • Statief
    • Diverse filters en accessoires

    Toen ik echter als ‘vakantie voorpret’ al deze zaken in en rondom mijn fototas begon te verzamelen, voelde ik met het toenemen van de hoeveelheid spullen, mijn enthousiasme evenredig afnemen. In totaal bijna 7 kg aan spullen, die ik gezien de verzekeringswaarde van evenzoveel k€ niet op onze verblijfslocatie onbeheerd kan achterlaten. En omdat ik niet bij elk uitstapje een camera nodig heb, ben ik dus waarschijnlijk toch diverse dagen verplicht om de complete fototas mee te nemen. Eerlijk gezegd voel ik me als 55+er nog niet oud, maar ik ben met het voortschrijden der jaren al wel zo wijs geworden dat mijn schouders en rug een dergelijke last niet meer zo op prijs stellen. Zeker niet als het niet per se hoeft. Dit uitje naar onze Westerburen is per slot van rekening geen foto-expeditie, maar het moet een lekker ontspannen privévakantie worden.

    Maar kán ik wel op vakantie zonder mijn vertrouwde en volprezen EOS-systeem? Een paar rationele vragen zorgen voor de oplossing. Heb ik de allerhoogste pixelkwaliteit nodig? Want waar ga ik de foto’s eigenlijk voor gebruiken en met wie ga ik ze delen? Na een slapeloos nachtje woelen in bed, was het antwoord simpel. Die vlekkeloze kwaliteit is noodzakelijk voor mijn klanten en leuk om zelf op 100% te beleven in Photoshop, maar voor het vakantie-archief en zelfs pagina vullend in het jaarlijkse fotoboek zijn al die perfecte pixels een overkill. Bij vakantiefoto’s draait het toch vooral om (her)beleving. Dus heeft mijn gevoel het van mijn verstand verloren - zoals zo vaak - en blijft mijn EOS in Nederland.

    Dat wil overigens niet zeggen dat ik geen camera meeneem. Sinds een paar maanden ben ik namelijk in het bezit van een PowerShot G7X. Een ‘large sensor’ compactcamera die je ongemerkt een hele dag in je jaszak of handtas kunt hebben. Dat is ook zo met je telefoon, maar die mist veel van de fotofunctionaliteiten en -kwaliteiten van de G7X, zoals:
    • 14-bits RAW
    • optische zoomlens van 24 tot 100mm
    • lichtsterkte f/1.8 - f/2.8
    • 3-stops optische beeldstabilisatie
    • 1-inch sensor met 20 Mp
    • bruikbare ISO tot 1600
    • goede macrofunctie
    • ingebouwd 3-stops ND-filter
    en niet onbelangrijk 1080p video en Wi-Fi (voor remote shooting, gps)

    In theorie kan ik hiermee 90% van de foto’s maken, die ik anders met mijn EOS maak én bereik ik ook 90% van diens kwaliteit. Om dat te testen heb ik in de achtertuin met beide camera’s een landschapje geschoten, een portret gemaakt en een macro opgenomen. Op 100% zie je in Photoshop natuurlijk verschil en bij een portret is de achtergrond minder vervaagd, maar afgedrukt op A5 of op mijn iPad, ziet alleen een geoefend oog kleine verschillen. De resultaten van deze snelle test stellen me daarom ook in praktijk gerust en komende weken hoef ik dus niet meer wakker te liggen over de keuze van mijn vakantiecamera. Pffff.

    Of dat terecht is, laat ik weten bij terugkomst (klik hier). En ook al zouden alle foto’s ‘mislukt’ zijn dan hoeft het vakantieplezier daar niet minder om te zijn, want dat wordt gelukkig niet bepaald door mijn camera ;-)

    Fijne (foto)vakantie.


  • JPEG-RAW Salomonsoordeel geplaatst op woensdag 1 april 2015 10:06:39 door pjcdhaeze
    We zijn allemaal druk met archiveren van onze RAW-foto's. Maar waarom? Met je oude negatieven doe je toch ook niets meer? Een bespiegeling waarom een JPEG-archief zo slecht nog niet is.

  • Cars & Camera's* geplaatst op woensdag 4 maart 2015 18:22:55 door pjcdhaeze
    Komt er ooit een tijd dat je een camera kunt personaliseren, zoals we dat al jaren met auto's doen?

  • Augmented Cloud-photography geplaatst op maandag 2 februari 2015 17:41:06 door pjcdhaeze
    Komt de realiteit van een foto-onderwerp straks uit de cloud of hoef je helemaal niet meer de deur uit voor jouw persoonlijk 'gefotografeerde' zonsondergang?

  • 'Oud & Nieuw' 2015 geplaatst op maandag 22 december 2014 12:22:34 door pjcdhaeze

    Begin december was ik in een fotowinkel op zoek naar een nieuwe statiefkop. Terwijl ik stond te wachten tot een van de medewerkers vrij was, liet ik mijn oog vallen op de inhoud van de vitrines. Je voelt je toch een beetje als een kind in een snoepwinkel. Het viel me daarbij op dat er eigenlijk maar weinig Canon uitgestald stond, terwijl het toch hoogtij voor de feestdagen was. Twee EOS-modellen (van de WinterWensen-actie), drie PowerShots en een paar lenzen, terwijl de overige merken wel ruim vertegenwoordigd waren.

    Voordat mijn verbazing hierover gestalte kon krijgen, sprak een vriendelijke medewerker mij aan en werd mijn aandacht weer in beslag genomen door de keuze van een statiefkop. Aan het eind van het gesprekje merkte ik terloops op dat er maar weinig Canon in zijn winkel stond. Tja, dat vond hij logisch, want elektronische camera’s - zo noemde hij spiegelloze systeemcamera’s - waren het nieuwe fotograferen en Canon heeft daar geen aanbod in. Op mijn volgende vraag wat dan de echte voordelen zijn van dat type camera (lees mijn blog ‘De koning is dood, lang leve de koning’), was zijn antwoord simpel: alles aan elektronische camera is beter én ....... toen kwam het hoge woord eruit...... spiegelreflex is een verouderd systeem. De Engelsen gebruiken het mooie woord ‘jaw dropping’, want mijn mond viel letterlijk open van verbazing en stilzwijgend en compleet verbijsterd verliet ik vervolgens de winkel.

    Een verouderd systeem. Natuurlijk stamt EOS al uit 1986, maar dat wil nog niet zeggen dat het ‘oud’ is. Voor mij wil dat juist zeggen dat het systeem zich al meer dan 25 jaar bewijst. Dat er al miljoenen ongelooflijk mooie foto’s mee gemaakt zijn. Dat lenzen van 10 of 15 jaar oud nog zonder problemen of adapters op een nieuwe camera passen en probleemloos werken. Dat elk knopje en elke menu-optie overdacht is en blindelings te vinden is. Dat nieuwe functies gebaseerd zijn op de behoeftes van de fotograaf en niet zijn opgedrongen door de media of marketing.
    Ook op internet zie je deze ‘verontrustende’ trend. Hosanna over het compacte formaat, maar ze vergeten dat de grootte van het systeem bepaald wordt door de grootte van de lens, dus de sensor en wil je een redelijke beeldkwaliteit, dan moet dit toch minstens mFT of APS-C zijn. Ook al omdat je anders altijd een grote scherptediepte hebt. Tevens worden ze op camera-sites en YouTube blij dat de ontspanknop op een betere plaats zit bij een nieuwe camera of dat je ergens een standaardinstelling snel kunt vinden. Zaken die bij een EOS al jarenlang vanzelfsprekend zijn. Waarom worden de fotomedia enthousiast over ‘oude wijn in nieuwe zakken’? Is het omdat anders niemand hun blaadje meer leest of hun website bezoekt? Is daarom ‘vorm’ belangrijker dan ‘inhoud’. Of wordt er meer verdiend aan reclame en verkoop van spiegelloze systeemcamera’s? Want zoals zo vaak in onze wereld is geld voor veel ontwikkelingen de belangrijkste drijfveer. Ik weet het niet.
    Natuurlijk zijn er aspecten van spiegelloze camera’s en ook bepaalde onderwerpen, waarbij dit nieuwe type camera bepaalde voordelen heeft boven een spiegelreflex, want dé perfecte camera bestaat niet. De twee systemen kunnen mijns inziens prima naast elkaar bestaan en elkaar aanvullen. We zouden dan overigens eerder kiezen voor een ‘large sensor compact’, zoals de PowerShot G7 X, naast een EOS. Met spiegelloos systeem heb je toch weer losse lenzen en past het weer net niet in je jaszak of handtas.

    Bovenstaande persoonlijke bespiegeling is afkomstig van een ‘verouderde’ man (55+). Zo een die geen lange baard (zó jaren 70) laat staan, omdat dat nu plotseling hip is. Die niet achter elke fotomodegril aan holt en tevreden is met wat hij in zijn fototas heeft. Want dat systeem levert hem al vele jaren prachtige foto’s op en laat hem nooit in de steek. Het klinkt allemaal wat sentimenteel, maar bij een thema als ‘Oud en Nieuw’ mag dat rond de jaarwisseling wel. Toch?

    Prettige feestdagen en een gezond 2015. Een jaar dat natuurlijk weer veel mooie foto’s (telefoon, compact, spiegelloos en natuurlijk DSLR) op mag leveren!

    P.S.
    Hoewel ik niet iemand ben van de goede voornemens of voorspellingen, denk ik dat ‘large format’-compact de trend wordt van 2015. Zo’n type camera voegt fotografisch veel meer toe dan een spiegelloos systeem, dat welbeschouwd ‘meer van hetzelfde’ is. Dus hopelijk zien we van Canon dit jaar meer camera’s in het segment van de PowerShot G7 X. Dus hand- én jaszakzaam, ‘grote’ 1-inch sensor, lichtsterke zoomlens (1.8-2.8, 24-100mm) met IS, RAW, touchscreen kantelscherm, Wifi met app, GPS, interne flitser, 1080p 60 fps.


  • Beeldbedrog geplaatst op zondag 5 oktober 2014 07:40:15 door pjcdhaeze
    Hoe ver je gaat in beeldbewerken mag de vrijetijdsfotograaf zelf bepalen. Of zijn er toch grenzen?

  • Droomcamera geplaatst op donderdag 4 september 2014 07:22:35 door pjcdhaeze
    De camerafabrikanten verzinnen de leukste camera's voor ons, maar geen enkele is perfect. Hoe ziet jou ideale camera er uit?

  • Vaarwel 'desktop' geplaatst op dinsdag 26 augustus 2014 07:25:41 door pjcdhaeze
    Hebben we over twee jaar nog wel een desktopcomputer op ons bureau staan?

  • TV of YT? geplaatst op maandag 30 juni 2014 12:46:19 door pjcdhaeze
    Komt EOSzine straks op TV of toch beter op YouTube?

  • Geen paas-ei geplaatst op woensdag 16 april 2014 11:22:02 door pjcdhaeze
    Waarom is er geen leuk TV-programma over fotografie op de Nederlandse televisie?

  • De koning is dood, lang leve de koning geplaatst op donderdag 20 februari 2014 07:43:13 door pjcdhaeze
    De levensduur van goede producten wordt drastisch bekort door onze verafgoding voor alle wat nieuw is, ongeacht de kwaliteit daarvan.

  • Vijftig tinten rood geplaatst op woensdag 29 januari 2014 08:56:09 door pjcdhaeze
    Realistische kleuren. Is dat haalbaar? Wat speelt daar allemaal een rol bij? Hoe ga je daar als fotograaf mee om?

  • De beste (camera) wensen voor 2014 geplaatst op donderdag 2 januari 2014 09:48:26 door pjcdhaeze
    Hebben we als fotografen anno 2014 eigenlijk nog wel iets te wensen over? Wat mis jij in je fotografie?

  • Ajax - Feyenoord...... geplaatst op woensdag 20 november 2013 08:03:02 door pjcdhaeze
    Gezellig op feestjes discussiëren over 'non-issues', zoals Ajax-Feyenoord, maar ook over wat de beste camera is. Tijd om op dat laatste punt de 'strijdbijl' te begraven.

  • Die goede oude tijd? geplaatst op zondag 13 oktober 2013 09:41:34 door pjcdhaeze
    Soms laat ons geheugen het verleden rooskleuriger zien dan dat het in werkelijkheid was. Analoge fotografie is toch minder 'cool' dan dat ik me het herinner, hoewel de Canon Epoca 135 een prima camera was én is.

  • ‘Up to the past....’ geplaatst op maandag 19 augustus 2013 08:39:56 door pjcdhaeze
    Foto's met een Instagram-sausje en camera's met een retro-design. Waarom willen we toch vooruit naar het verleden oftewel'Up to the past'.

  • Gelukkig hebben we de foto’s nog geplaatst op maandag 10 juni 2013 12:41:21 door pjcdhaeze
    'Gelukkig hebben we de foto's nog'. We doen er altijd een beetje lacherig over, maar als het de herinnering aan een dierbare betreft, dan ben je ECHT blij dat je al die jaren foto's gemaakt én gearchiveerd hebt!

  • Verstoppertje geplaatst op woensdag 29 mei 2013 06:54:28 door pjcdhaeze
    Laat jij je foto's zien of speel je er onbewust ook verstoppertje mee? SHOW YOUR PICTURES!

  • Realistische virtuele realiteit geplaatst op woensdag 17 april 2013 11:30:25 door pjcdhaeze
    Een bespiegeling over de rol van de spiegel in het dagelijkse leven én in de fotografie.

  • Lens 'in the spotlight' geplaatst op dinsdag 2 april 2013 11:10:54 door pjcdhaeze
    We zijn steeds op zoek naar de beste camera, maar zouden we niet veel meer aandacht moeten geven aan de kwaliteit van de lens, want die is tenslottee 'beeldbepalend'.

  • Zoomen is lopen geplaatst op vrijdag 22 februari 2013 08:31:50 door pjcdhaeze
    De fotograaf van de 21ste eeuw is opgegroeid met zoomlenzen. Maar wat gebeurt er met je fotografie als je een lens met een vast brandpunt op je camera zet?

  • Zwitsers zakmes v2.0 geplaatst op donderdag 24 januari 2013 12:13:33 door pjcdhaeze
    Een smartphone en tablet hebben veel apparaten overbodig gemaakt en zijn het nieuwe 'Zwitserse zakmes'. Weet jij nog leuke toepassingen?

  • EF-lenzen mark II | The next generation geplaatst op vrijdag 11 januari 2013 15:24:00 door Pieter Dhaeze
    Slechts enkelen van onze lezers zullen in de gelukkige omstandigheid zijn om te (kunnen) (gaan) werken met Canon’s vastbrandpunt telelenzen van de tweede generatie: de EF 300mm 2.8L IS II USM, EF 400mm 2.8L IS II USM, EF 500mm 4L IS II USM en EF 600mm 4L IS II USM. Onze mening in deze blog.

  • Huisfotograaf geplaatst op vrijdag 1 april 2011 11:32:00 door pjcdhaeze
    Veel EOSziners zullen door familie en vrienden officieus benoemd zijn tot 'familiefotograaf' bij feestjes, uitstapjes en andere gelegenheden. Hier een verslagje van een doop.

Laatste reacties

Inloggen

Wachtwoord of loginnaam vergeten? Klik hier
Als je nog geen GRATIS persoonlijk account hebt op EOSZINE dan kun je deze hier aanmaken. Met dit account kun je o.a. de nieuwsbrief en het gratis digitale magazine ontvangen.